Veelgestelde vragen

 

1. Algemeen

Zal mijn hospitalisatie-verzekering de kosten vergoeden die de mutualiteit / het ziekenfonds niet vergoedt?

Dit hangt af van de polis die u heeft afgesloten bij de hospitalisatieverzekering. Bij puur esthetische ingrepen (vb. facelift, liposuctie, ooglidcorrectie,…) is dit weinig waarschijnlijk. Het is best dat u advies vraag bij uw zorgverzekeraar. Wanneer er bij de ingreep een gedeeltelijke tussenkomst is van de mutualiteit / ziekenkas / privé zorgverzekeraar, kan het zijn dat uw hospitalisatieverzekering gedeeltelijk of geheel tussenkomt voor de bijkomende kosten. Dit laat u best opnieuw door uw verzekeringsmakelaar uitzoeken en schriftelijk bevestigen.

Indien u een goedkeuring van de mutualiteit / ziekenkas / privé zorgerzekeraar bezit, en u wenst een aanvraag te richten tot uw hospitalisatieverzekering, kan u een aanvraagformulier hiervoor bekomen via ons secretariaat (zie contact).

 

2. Met betrekking tot Heelkundige Ingrepen

2.1. FAQ i.v.m. heelkunde in het gelaat
 

2.1.1. Zal ik grote bloeduitstortingen in het gelaat hebben?

Het gelaat is rijk aan bloedvaatjes en reageert sterk op elke "agressie". Een heelkundige ingreep, zelfs uitgevoerd met de grootste voorzichtigheid, is een agressie. Deze reactie van het gelaat uit zich op twee manieren: met bloeduitstortingen en zwellingen.

  1. De bloeduitstortingen zijn het resultaat van diffusie van bloed onder de huid, zoals men ook ziet bij blauwe plekken; deze bloeduitstortingen zullen progressief resorberen. Dit verloopt in diverse stadia, waarbij de huid eerst blauw, dan groen en dan geel verkleurt. De uitgebreidheid van deze bloeduitstortingen is moeilijk te voorspellen. Het verdwijnen ervan is echter een vaststaand feit, vaak zeer snel en gewoonlijk na drie weken volledig.
     
  2. Zwelling of oedeem is de andere manier waarop de weefsels van het gelaat reageren. Zwelling kan snel ontstaan en is meestal zeer uitgesproken ter hoogte van de oogleden en de wangen. Het ontzwellen gebeurt eveneens zeer snel en wordt meestal bereikt na een aantal dagen. De jukbeenderen vormen een uitzondering. Hier kan zwelling enkele weken (6 tot 9) blijven bestaan.

Arnica druppeltjes (cfr. infra) kunnen u voorgeschreven worden om bloeduitstorting te verminderen. Ondanks dit hulpmiddel is het belangrijk dat u wat geduld oefent (10 dagen tot 1 maand) om uw gelaat de tijd te geven om te herstellen van de twee  bovenvermelde fenomenen.
 

2.1.2. Hoe lang moet ik de Arnica-druppeltjes innemen?

Om bloeduitstortingen te verminderen, kan uw chirurg voorstellen om een vijftal dagen vóór de ingreep te starten met Arnica Montana druppeltjes (op basis van kruiden cfr. A. Vogel), die u via de mond inneemt. Deze dienen verder doorgenomen te worden tot twee weken na de ingreep. Deze druppels mag u niet gebruiken indien u ook bloedverdunnende medicatie neemt, zwanger bent of borstvoeding geeft.
 

2.1.3. Wat mag ik doen na een ooglidcorrectie?

Vooreerst dient u de richtlijnen te volgen i.v.m. de postoperatieve wondzorg. Deze zullen u overhandigd worden door de plastisch chirurg.

Om zwelling na de operatie zo veel mogelijk te vermijden, dient u zich gedurende één week aan de volgende richtlijnen te houden:

  • niet bukken;
  • op twee kussens slapen of het hoofduiteinde van het bed verhogen;
  • niet op de zij slapen;
  • veel rusten;
  • geen intensieve werkzaamheden verrichten.

De hechtingen kunnen verwijderd worden een 6 à 7-tal dagen na de ingreep. U kan zich maquilleren zodra de hechtingen verwijderd zijn. Vergeet niet om een hoeveelheid van de voorgeschreven zalf op de Steri-Strips aan te brengen, wat het verwijderen van de hechtingen vergemakkelijkt en vrij pijnloos maakt. U dient zonnebaden met gesloten ogen te vermijden gedurende een tweetal maanden. U beschermt het litteken met een grote zonnebril, en zonnecrème SPF50. Reken op een viertal maanden voordat de littekens volledig soepel en ontkleurd zijn, en men dus een definitief resultaat heeft.

 

2.2. FAQ i.v.m. een borstverkleining of borstlift

2.2.1. Zal ik na de operatie dezelfde tepel(-gevoeligheid) behouden?

U behoudt dezelfde tepel. In vele gevallen zal echter het tepelhof verkleind zijn, vermits ook de borsten verkleind zijn. U kan dit op voorhand bespreken met de chirurg. Vaak is het zo dat de tepel de eerste weken postoperatief wat ingetrokken is. Dit is te wijten aan de operatieve techniek en zal zich normaliseren na enkele weken tot maanden.
 

Het is belangrijk om te weten dat na de ingreep de gevoeligheid van de tepel verminderd kan zijn, vermeerderd kan zijn of volledig verdwenen kan zijn. In de meeste gevallen wordt er wat gevoeligheid herwonnen, indien deze onmiddellijk postoperatief verdwenen is. Om een goede bloedvoorziening van de tepel en het tepelhof te behouden, is het niet mogelijk om een borst oneindig te verkleinen. Zelfs indien zorgvuldig wordt gewerkt om een goede bevloeiing van de tepel en het tepelhof te behouden, kan deze soms gedeeltelijk en in zeer uitzonderlijke gevallen geheel afsterven.
 

2.2.2. Kan ik nog borstvoeding geven na een borstverkleinings-operatie?

In principe is het nog steeds mogelijk om borstvoeding te geven na een borstverkleinende ingreep. Er zijn echter diverse gevallen beschreven, waar dit niet meer mogelijk was. Weraden dan ook aan om een borstverkleinende ingreep enkel te overwegen indien u geen borstvoeding meer vooropstelt in de toekomst. Bovendien dient u te weten dat een zwangerschap het borstvolume zal veranderen. Een zwangerschap na een borstverkleining of borstlift kan dus het resultaat van deze operaties beïnvloeden.
 

2.2.3. Welk verband moet ik na de operatie dragen en hoe lang?

Na de ingreep zal een wondverband worden aangelegd. Hierover wordt een sportBH aangebracht. Mogelijk worden ook twee drains (één in elke borst) achtergelaten om eventuele kleine bloedingen te laten afvloeien. Deze worden verwijderd na één of enkele dagen, indien er niet te veel vocht in wordt opgevangen. In principe kan u na één nacht het ziekenhuis verlaten en zal u vóór het verlaten van het ziekenhuis een verbandwissel ondergaan.

Het is belangrijk dat uw sportBH gemakkelijk sluit, en dat de band rondom uw borstkas de juiste maat heeft. Deze sportBH schaft u vóór de operatie reeds aan. We bieden de mogelijkheid om op de raadpleging een sportBH te bestellen. De chirurg neemt dan de juiste maten van de borstkas. Het is immers belangrijk dat deze BH juist aansluit. Vóór de operatie is het zeer moeilijk om de juiste cupmaat te voorspellen. Bijkomend zijn uw borsten initieel nog gezwollen van de ingreep. De elastische stof in de sportBH compenseert voor dit volumeverschil. De sportbeha moet u dag en nacht dragen gedurende zes weken, tot maximaal drie maanden. Het geeft de borsten de mogelijkheid om mooi te helen zonder spanning op de littekens, in de nieuwe positie.

 

2.2.4. Welke activiteiten mag ik doen na een borstreductie?

De eerste twee weken na de ingreep wordt er aangeraden om niet te veel huishoudelijke taken op te nemen. Indien noodzakelijk, dan eerder het licht huishoudelijk werk. Het wordt ontraden om taken of oefeningen uit te voeren waarbij grote armbewegingen noodzakelijk zijn of waarbij de borstspieren sterk aangespannen worden (vb. tillen van zware voorwerpen, stofzuigen, etc…).

Na twee weken worden de hechtingen verwijderd. Het normale huishoudelijke werk mag hernomen worden mits het dragen van de stevige sportBH. Sporten zoals wandelen en fietsen kunnen geleidelijk opgestart worden, met innachtname dat de littekens nog aansterken tot zes weken na de ingreep. Na drie maanden kunnen zwaardere sporten zoals tennis, squash, golf, zwemmen, etc. veilig hernomen worden.
 

2.2.5. Mag ik baden na een borstreductie?

Gedurende de eerste twee weken na de ingreep wordt afgeraden om te baden, te zwemmen, een sauna of stoombad te nemen. Na vier weken, en mits volledige wondheling is bekomen, is dit terug mogelijk. Douchen mag zodra de laatste drain verwijderd is.

 

2.3. FAQ i.v.m. een borstvergroting

2.3.1. Zijn siliconen implantaten wel veilig?

Al meer dan 50 jaar worden siliconen gebruikt in verschillende toepassingen, zowel in het dagelijkse leven als in de geneeskunde. Het is één van de meest onderzochte materialen. Hun veiligheid is uitgebreid getest en nagekeken. Siliconen worden ook in de farmaceutische en voedselindustrie volop gebruikt. In vele medische hulpmiddelen zoals pacemakers, hartkleppen, hechtingsmateriaal, glijmiddelen en coatings van injectienaalden en spuiten, bloedzakken, ect. worden siliconen gebruikt. Er zitten  siliconen in puddings, frisdranken, lipsticks, bodylotions, zonnecrèmes, deodorants, haarlak, beddengoed, kleding, en babyverzorgingsproducten.
 

2.3.2. Heb ik meer kans op borstkanker door implantaten?

Wetenschappelijk onderzoek heeft aangetoond dat er na een borstvergrotingsoperatie geen verhoogde kans op borstkanker bestaat. Preventief borstonderzoek door uzelf en door een arts blijft steeds mogelijk, aangezien het borstklierweefsel zich volledig vóór het implantaat bevindt. Het radiografisch onderzoek van de borst (RX mammografie) is ook mogelijk, maar wordt toch wat gehinderd door de aanwezigheid van (voornamelijk gelgevulde) implantaten. De radioloog kan echter wel het onderzoek aanpassen.

Indien u een verhoogd risico heeft op de ontwikkeling van borstkanker (erfelijkheidsfactoren), zal er i.p.v. een RX mammografie een NMR of MRI-scan voorgesteld worden. Dit onderzoek is perfect mogelijk met implantaten.

Een echografie van de borsten behoudt ook zijn waarde en kan een noodzakelijke aanvulling van het onderzoek van uw borsten zijn.
 

2.3.3. Kan ik nog borstvoeding geven na de ingreep?

Na een borstvergrotende operatie kan u veilig borstvoeding geven: siliconen dringen niet door in de moedermelk. Borstvoeding kan moeilijker verlopen als de huid insnede aan de rand van het tepelhof of doorheen de tepel gemaakt werd, waardoor schade aan de melkgangen zou kunnen ontstaan.
 

2.3.4. Heb ik meer kans op systeemziekten (auto-immuunziekten)?

Er werd een verband gesuggereerd tussen borstimplantaten en auto-immuunziekten zoals reuma, sclerodermie, bindweefselziekten, ... alsook met allerlei aspecifieke klachten zoals chronische vermoeidheid, concentratiestoornissen en rugklachten. Gerenommeerde instituten hebben wetenschappelijke studies uitgevoerd bij duizenden vrouwen met en zonder implantaten, zonder dat tot op heden een wetenschappelijk verband kon bewezen worden.
 

2.3.5. Gaan borstprothesen maar een beperkte periode mee? Moeten ze m.a.w. vervangen worden?

Ja. De borstimplantaten van de firma's waarmee wij werken geven levenslange garantie op de prothesen. Dat wil zeggen dat indien het implantaat een scheur vertoont om onverklaarbare redenen, het vergoed zal worden bij een implantaatwissel. De belangrijkste reden voor een prothese-wissel is echter kapselvorming. Dit kapsel kan dik en hard worden, en lokaal samentrekken. Hierdoor kan de borst vervormen en kan dit ook pijn veroorzaken. Bij een wissel van borstimplantaten wordt ook het kapsel verwijderd. Pijn of een onesthetisch uitzicht zijn de belangrijkste beweegredenen voor een nieuwe ingreep.
 

2.3.6. Wat is de kostprijs van deze ingreep?

Op onze dienst wordt een totaalpakket voorgesteld. In dit pakket zijn de kosten inbegrepen voor implantaten, anesthesist / narcostiseur, chirurg, medicatie, ziekenhuisverblijf, verpleegkundige zorgen, verbandmateriaal, etc… De preoperatieve en postoperatieve raadplegingen en / of onderzoeken zijn hierin niet inbegrepen. Vermits dit pakket op maat samengesteld wordt aan de hand van de gekozen implantaten, zal uw chirurg u hierover informeren tijdens de raadpleging.
 

2.3.7. Zal ik een groot litteken hebben?

Dit hangt voornamelijk af van het type van implantaat en de insnede-plaats. Tijdens de raadpleging zal uw chirurg u hierover informeren.

 

2.4. FAQ i.v.m. een abdominoplastie of buikwandcorrectie

2.4.1. Wat mag ik doen na een abdominoplastie en wanneer?

Onmiddellijk na de operatie zal de chirurg u meedelen wat u kan en niet kan. Over het algemeen mag u de eerste twee weken de lichte huishoudelijke taken hernemen. U mag geen taken verrichten waarbij de buikspieren sterk belast worden of waarbij men de rug sterk moet strekken.

Er is dagelijkse wondzorg nodig (via thuisverpleegkundige zorgen), en na twee weken komt u bij ons terug op de consultatie om de hechtingen te verwijderen. Douchen is mogelijk zodra de laatste drain is verwijderd. Gedurende de eerste twee weken na de ingreep wordt afgeraden om te baden. Na vier weken, en mits volledige wondheling is bekomen, is dit terug mogelijk. Wandelen kan geleidelijk opgestart worden, met innachtname dat de littekens nog aansterken tot zes weken na de ingreep. Na zes weken kan u opnieuw starten met joggen, fietsen, zwemmen, ... Na drie maanden zijn er geen beperkingen meer.

 

2.4.2. Hoe lang zal ik werkongeschikt zijn?

De patiënt(e) zal over het algemeen een viertal weken werkongeschikt zijn. Veel hangt af de activiteiten van de patiënt(e); sommige zelfstandigen kunnen het werk reeds hernemen na een week, zeker als het bureauwerk betreft. Voor zwaar fysiek werk is er occasioneel een werkongeschiktheid van een zestal weken nodig.
 

2.4.3. Ik heb reeds een keizersnede litteken, wordt dit in de abdominoplastie herwerkt?

Veel hangt af van de wijze waarop de keizersnede insnede is gemaakt. Vroeger werd al eens een vertikaal litteken gemaakt; dit kan volledig verwijderd worden indien er heel wat huidoverschot is tussen de navel en het schaambeen. Bij horizontale incisies kan het litteken meestal hernomen worden of verwijderd worden tijdens de abdominoplastie. Dit moet echter preoperatief goed besproken worden met de patiënte en zal afhangen van haar klinische presentatie.
 

2.4.4. Kan een abdominoplastie zonder liposuctie?

Een buikwandcorrectie wordt meestal uitgevoerd in combinatie met een liposuctie. Indien u wat vetoverschot heeft t.h.v. de flanken en uw huid is van goede kwaliteit (d.w.z. elastisch, zonder al te veel striemen), zal er een liposuctie voorgesteld worden. Hiermee wordt het silhouet verbeterd, wat resulteert in een grotere tevredenheid bij de patiënt(e).
 

2.4.5. Wat gebeurt er met mijn navel; wordt deze verwijderd en/of krijg ik een nieuwe navel?

U behoudt uw eigen navel. De navel is een soort litteken, dat vast hangt aan de buikspieren. Bij een abdominoplastie wordt de navel rondom uitgesneden en losgemaakt tot aan de onderliggende spieren. Overtollige buikhuid en vetweefsel worden verwijderd, en de wonde wordt gesloten over de navel heen. Nadien wordt een kleine insnede gemaakt in de huid, ter hoogte van de plaats waar de navel zich in de diepte bevindt (vastliggend aan de onderliggende spieren). Het naveltje wordt opgevist en vastgehecht. Zo ontstaat een circulair litteken rond de navel.
 

2.4.6. Is het normaal dat ik een dof gevoel of tintelingen heb in de onderbuik na de operatie?

Na de operatie zal inderdaad de regio tussen de navel en het horizontale litteken vrij gevoelloos zijn. Dit gevoel komt echter terug, over het verloop van meerdere maanden. Postoperatief kan de navel daarentegen wat overgevoelig zijn. Dit kan onprettig aanvoelen bij de verzorging. Ook dit verbetert tijdens het helingsproces.
 

2.4.7. Moet ik na de operatie een bepaald drukpak dragen?

Dit hangt af van het type van abdominoplastie dat is uitgevoerd. Indien een "klassieke" abdominoplastie werd uitgevoerd zonder liposuctie van de flanken, is er geen speciaal postoperatief verband dat gedragen wordt. Indien er bijkomende liposuctie is gebeurd, zal een spannend verband aangebracht worden (een buikband met velcro-strip) dewelke u een zestal weken dient te dragen.
 

2.4.8. Is het resultaat onmiddellijk postoperatief zichtbaar?

Dit is afhankelijk van de toestand van uw buik voor de ingreep. In de meeste gevallen is echter onmiddellijk na de operatie al goed zichtbaar dat het vet- en huidoverschot, gesitueerd tussen de navel en de schaamstreek, is verminderd. Er moet echter goed beseft worden, dat de buik nog wat gezwollen is t.g.v. het heelkundige ingrijpen, en deze zwelling zal progressief verminderen in de eerste drie maanden. Daarenboven moet het litteken nog versoepelen (volledige littekenheling is pas voltooid na 1,5 jaar), wat ook de vorm van de buik zal beïnvloeden.

 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
Inhoudsverantwoordelijke
Dr. Bob Vermeulen, Plastische Heelkunde - 2019

© 2021 Ziekenhuis Oost-Limburg