Borstvergroting

1. Inleiding

Een borstvergroting is bedoeld voor vrouwen die een verbetering wensen van hun boezem, doch niet de perfectie eisen. Als u bovendien goed gezond bent en een realistisch verwachtingspatroon heeft, bent u een ideale kandidate voor deze ingreep. De keuze voor het laten uitvoeren van een borstvergroting is echter een zeer persoonlijke en belangrijke beslissing. Het beïnvloedt uw zelfvertrouwen uw voorkomen, uw toekomst en uiteindelijk uw welzijn. Anderen kunnen u misschien wel raad geven, maar de uiteindelijke beslissing ligt bij u zelf en mag nooit op aandringen van anderen genomen worden.

Vooraleer u een dergelijke ingreep wil uitvoeren moet u over goede informatie beschikken. U heeft er immers verwachtingen van en u wilt niet teleurgesteld worden. U wilt dat uw borstvergroting zo aantrekkelijk mogelijk is en dat het zo goed mogelijk bij u past. Daarom is informatie erg belangrijk. Deze informatie kan u overal vinden, doch vaak wordt het moeilijk om het bos door de bomen te zien. Via allerlei mediakanalen wordt vaak tegenstrijdige informatie verschaft. In de volgende hoofdstukken vindt u informatie die wij belangrijk vinden voor u als patiënte met de wens tot borstvergroting. Deze informatie geeft u een globaal overzicht. Ook de mogelijke complicaties en veiligheidsaspecten worden behandeld, omdat u niet alleen grondig over de voordelen van borstvergroting moet worden ingelicht maar ook over de risico’s en nadelen, alvorens u een beslissing neemt.
Hoe volledig de nu volgende uitleg ook moge wezen, voor een persoonlijke benadering en persoonlijk advies moet u altijd uw plastisch chirurg raadplegen.

2. De samenstelling van de borst (anatomie)

De borst bestaat uit vetweefsel, klierweefsel, melkwegen, bloedvaten, zenuwen en lymfeklieren, bedekt door onderhuids vetweefsel en de huid. Onder de borst ligt de pectoralis major: de grote borstspier. Een borstimplantaat kan (gedeeltelijk) onder of boven deze spier worden geplaatst. Dit is afhankelijk van de dikte van het borstweefsel (vet- en klierweefsel) en de mogelijkheid van dit weefsel om het borstimplantaat volledig te bedekken.

Borsten komen rond het 11de-12de levensjaar tot ontwikkeling. Gedurende de hele vruchtbare periode van een vrouw, zijn haar borsten aan verandering onderhevig. Na de menopauze houdt die ontwikkeling op. Jonge borsten bestaan uit veel klierweefsel en weinig vetweefsel. Daardoor zijn ze stevig. Het klierweefsel maakt later geleidelijk plaats voor vetweefsel dat minder stevig is. Hierdoor worden borsten in de loop van de tijd wat slapper. Ook zwangerschap en borstvoeding hebben invloed op de vorm van de borsten. Naarmate uw leeftijd vordert zal, door de zwaartekracht, het bovenste gedeelte van uw borst ''leger'' worden zodat een meer hangende vorm van uw borst ontstaat. Borsten bevatten zelf geen spierweefsel dus oefeningen om de borsten te vergroten of om vorm te verbeteren hebben geen zin.

3. Wat is een borstimplantaat?

Een borstimplantaat (borstprothese) bestaat uit een siliconen omhulsel met een vulling in. De vulling is een siliconegel of een zoutwateroplossing. Soms een combinatie van beiden. Het jongste type van siliconen gel is een "cohesieve" gel die er voor zorgt dat de vorm van het implantaat beter behouden blijft maar ook vaster en wat harder aanvoelt. Siliconen gel en een zout-wateroplossing zijn de meest bekende en bestudeerde vulmaterialen en hebben elk hun voor en nadelen. Uw arts kan u meer vertellen over ieder vulmateriaal.
Er zijn niet allen keuzes in verschillende vulmaterialen, ook het omhulsel waarin het vulmateriaal zich bevindt, kan variëren. Het oppervlak kan ruw of glad. Het weefsel rond het implantaat reageert op de aanwezigheid van dit implantaat door littekenvorming. Zo wordt een kapsel gevormd rond de prothese. Kapselvorming is dus een normale reactie van de weefsels rondom de prothesen, maar de dikte van het kapsel hangt dus af van uw eigen lichaamsreactie en het oppervlak van de prothese (ruw of glad). Bij borstimplantaten trekt het kapsel soms samen, wat harde en pijnlijke borsten kan veroorzaken. Bij een ruw oppervlak van de prothese, in tegenstelling met een glad oppervlak, is een zekere weefsel ingroei mogelijk waardoor de kans op kapselsamentrekking kleiner is.

Verschillende vormen van borstimplantaten

Iedere vrouw is uniek, geen enkele borst is dus identiek en elke vrouw heeft haar persoonlijke voorkeur. Daarom bestaan er verschillende implantaten. Deze kunnen niet alleen in grootte verschillen, maar ook in vorm.

  • Ronde implantaten
    Ronde implantaten geven uw borst in het algemeen de eerste tijd in het bovenste gedeelte een rond en bol aanzien. Na verloop van tijd echter zal door het ouder worden van de huid en de zwaartekracht het bovenste gedeelte "leger" worden zodat er een meer hangende en misschien ook meer natuurlijke borst ontstaat. Er is ook een keuze mogelijk tussen ronde prothesen met een brede basis en geringe projectie of een smalle basis (maar met meer projectie). Dit is onder meer ook afhankelijk van de vorm, de afmetingen van uw borstkas.
  • Anatomische(druppelvormige) implantaten
    Druppelvormige implantaten volgen de lijnen van de natuur. Dit betekent dat direct na de operatie de borst een natuurlijke welving heeft. Dit houdt in dat de bovenkant van de borst gevuld is en dat deze op langere termijn ook beter deze vorm behoudt. Deze implantaten worden de laatste jaren steeds meer gebruikt, voornamelijk voor patienten die een natuurlijke vorm van borst wensen. Deze prothesen moeten vaak onder de spier en langs een  huidinsnede onder de borst (in de borstplooi) geplaatst worden.

4. Hoe wordt een borstimplantaat ingebracht?

De huid insnede

De insnede voor het inbrengen van de prothese wordt in de huidplooi onder de borst, doorheen de tepel, rond het tepelhof of in de oksel gemaakt. De keuze van insnede hangt onder meer af van uw persoonlijke voorkeur, de plaats waar het implantaat moet komen, van de vorm van uw borsten en soms ook van het soort implantaat. Uw chirurg kan u meer uitleggen over de verschillende technieken en methoden en samen met u besluiten welke voor u de beste en meest geschikte manier is.

Boven of onder de grote borstspier

1. Direct onder het borstweefsel (subglandulair)

Het implantaat ligt dan tussen de borstklier en de borstspier. Dit wordt enkel uitgevoerd indien er voldoende klierweefsel en vetweefsel aanwezig is om het implantaat voldoende te bedekken.

Voordeel: 

  • geen wrijving van de borstpier over het borstimplantaat, zodat de originele vorm van het borstimplantaat het best behouden blijft en geen vervorming van de borst bij het opspannen van de spier
  • wanneer er reeds wat borstklierweefsel aanwezig is, wordt deze positie aangeraden om te voorkomen dat het borstklierweefsel als een "zakje" onder (lager dan) de prothese zakt ("waterfall deformity).

Nadeel: 

  • iets grotere kans op samentrekken van het littekenweefsel rond het implantaat ('kapselsamentrekking') hoewel dit bij de nieuwste implantaten minder vaak voorkomt
  • daarnaast bestaat de mogelijkheid dat u de randen van het borstimplantaat kunt voelen als uw borstweefsel dun is (d.w.z. de huid en de onderhuidse vetlaag).

2. Onder de grote borstspier (subpectoraal)

Voordeel: 

  • deze methode geeft minder kans op kapselsamentrekking en daarom ook te verkiezen bij vrouwen met een dunne vetlaag.

Nadeel: 

  • Meestal is de herstelperiode langer en de ingreep wat pijnlijker
  • de armbewegingen zijn de eerste tijd na de ingreep wat moeilijker
  • tevens kan door de druk van de borstspier en het voortdurend bewegen van uw armen het implantaat sneller verschuiven of vervormen.

5. Welk volume moet u kiezen?

Eenmaal er gekozen is voor een bepaalde vorm, en de vermoedelijke plaats (boven of onder de grote borstspier) van het implantaat is voorgesteld, rest nog de vraag: hoe groot moet de borst worden? U zult waarschijnlijk een maat kiezen die bij uw figuur past. De meeste vrouwen willen terug naar de vollere, stevigere borsten die ze vroeger hadden of willen grotere borsten in verhouding tot hun figuur, borsten die ze altijd al wilden, maar nooit ontwikkelden. Veel vrouwen denken aan borstgrootte in de termen van de maat van hun BH. Bijvoorbeeld indien u momenteel een A-cup heeft, zou u waarschijnlijk na de vergroting graag een B-cup of een C-cup willen hebben. Maar dat is niet de enige overweging. U kunt misschien ook denken aan het verminderen van de ruimte tussen uw borsten of hoe u uw borsten beter in verhouding kunt brengen met de vorm van uw lichaam. Het is belangrijk om uw ideeën met uw chirurg te bespreken, zodat hij of zij daarmee rekening kan houden wanneer de grootte en de vorm van het implantaat worden gekozen.

Een natuurlijk geheel

Om een goed resultaat te verkrijgen, moeten uw nieuwe borsten een natuurlijk geheel vormen met uw lichaam. Borstomvang, -hoogte en -projectie zijn allemaal factoren die zouden moeten meespelen in uw overweging. De omvang van uw borsten zal mede de ruimte tussen uw borsten (uw decolleté) bepalen. De borstomvang bepaalt eveneens de buitenste ronding van de borst. Maak aan uw chirurg uw wensen duidelijk zodat hij of zij weet welke de gewenste vorm en grootte van uw nieuwe borsten zijn. Natuurlijk kan niet altijd aan uw wensen voldaan worden en zult U voor een groot gedeelte uw chirurg moeten vertrouwen. Realiseert u zich steeds dat een borst in de eerste plaats mooi moet zijn en in verhouding tot de rest van uw lichaam moet staan. De grootte op zich, komt op de tweede plaats.

Het volume zelf…

Vaak wordt er ons gevraagd welk volume er zal geplaatst worden of vragen de patiënten ons zelf om een prothese met een bepaalde hoeveelheid cc te plaatsen. Dit is echter een verkeerde benadering; datgene wat de vorm van uw borst het meest zal beïnvloeden is de projectie van de prothese, en niet het volume. Welke prothese het beste bij u lichaam past en het meeste voldoet aan uw eisen van postoperatieve projectie, wordt bepaald aan de hand van de afmetingen van uw huidige borst en borstkas. Daarom zal uw chirurg hier heel wat aandacht aan besteden tijdens het klinisch onderzoek.

Beperkte mogelijkheden

De grootte van de implantaten kan worden beperkt door de kenmerken van uw borstweefsel en de elasticiteit van de huid. Er moet voldoende elastische huid aanwezig zijn om het gewenste implantaat volledig te bedekken. Implantaten die eigenlijk te groot zijn voor de beschikbare hoeveelheid huid en borstweefsel kunnen zichtbaar of voelbaar (rimpels) blijven onder de huid. Dat kan het effect dat u wilde bereiken bederven. Bovendien hebt u meer kans op complicaties. Ook na een borstvergrotende operatie staat het lichaam bloot aan het normale verouderingsproces en zal het uitzicht ervan na verloop van jaren veranderen. Uw chirurg za1 elke beperking verder kunnen verklaren.
 

6. De ingreep zelf

Uw gezondheid

Los van ieder gesprek over borstomvang en vorm zal uw chirurg er eerst zeker van willen zijn dat u goed gezond bent, vooraleer een operatie afgesproken wordt. Samen met u worden de voordelen van de borstvergroting afgewogen tegen de mogelijke risico’s in uw specifiek geval. Hoewel een borstvergrotende operatie vergeleken met andere chirurgische ingrepen als veilig en betrouwbaar bekend staat en zeker geen zware heelkundige ingreep betekent, zijn aan een operatie onder narcose nu eenmaal altijd risico's verbonden, al zijn ze in dit geval dus uiterst klein. Als er maar de geringste aanwijzing is dat uw conditie het genezingsproces nadelig kan beïnvloeden of als een operatie uw gezondheid zou kunnen schaden, dan kan de chirurg u hierover informeren en besluiten u niet te opereren vooraleer die risicofactoren verholpen zijn. Infecties, bepaalde hart- of longaandoeningen, sommige chronische ziekten, bepaalde medicijnen en zelfs roken zouden een reden kunnen zijn u niet te opereren. U moet uw chirurg alle inlichtingen over uw gezondheidstoestand meedelen. 
Wanneer u bepaalde medicatie inneemt of bepaalde gezondheidsproblemen heeft, kan er aangeraden worden om voor de operatie een afspraak moeten maken met de anaesthesist (narcotiseur). Eventueel zullen voor de ingreep een aantal aanvullende onderzoeken uitgevoerd, zoals elektrocardiogram, radiografie van de longen of een bloedonderzoek.

De ingreep

's Ochtends wordt u opgenomen in het ziekenhuis. U brengt zelf de sportbeha mee die de chirurg heeft voorgesteld. Uw chirurg zal even voor de ingreep enkele aftekeningen maken op uw lichaam. Na het starten van de narcose, wordt de huid ontsmet en afgedekt met steriele doeken. Via de insnede maakt de chirurg een holte vrij waarin het implantaat zal worden geplaatst; dit is dus hetzij onder de spier, hetzij onder de borstklier. (zie hoger). Een drainagebuisje ("redondrain") wordt zelden nog geplaatst. De huid wordt onderhuids gehecht en ter hoogte van de insnedeplaats en de plooi onder de borst zal papieren kleefpleister aangebracht worden. Hierboven worde de sportbeha aangepast.
Na de narcose verblijft u nog even in de ontwaakzaal, waarna u terug naar uw kamer wordt gebracht.

Het postoperatieve verloop

Enkele uren na de ingreep zal de chirurg u op de kamer komen bezoeken.
- Indien u zich goed voelt, kan u het ziekenhuis verlaten.
- Indien u zich nog wat onwel of misselijk voelt, kan u blijven overnachten in het ziekenhuis.
Bij uw ontslag wordt er onmiddellijk een afspraak geregeld om een week later elkaar terug te zien.
De papieren kleefpleister onder de borst moet ter plaatse blijven tot de eerstvolgende afspraak. De sportbeha draagt u dag en nacht gedurende de eerste 6 weken.

Deze ingreep kan vrij pijnlijk zijn. Wanneer de implantaten achter de borstspier worden geplaatst, is de ingreep meestal wat pijnlijker. Dit is voornamelijk het geval de eerste dagen na de ingreep. De pijnen kunnen opgevangen worden met voldoende pijnstilling.
De eerste dagen na de ingreep kan u ook een gespannen gevoel hebben in de borsten. Ze lijken vrij hard te zijn en kunnen wat pijnlijk zijn bij aanraking. Deze klachten zullen geleidelijk aan verminderen omdat de huid zich de volgende weken moet aanpassen aan de nieuwe borstomvang. Zo zullen ze ook veel zachter worden dan de eerste dagen na de ingreep. Dit hele proces heeft ongeveer een 6-tal weken nodig. 

Tijdens de eerste postoperatieve afspraak, zal de kleefpleister verwijderd worden en zullen de uiteinden van de hechtingen afgeknipt worden. Dit is PIJNLOOS. Na inspectie van de wonden, zullen deze opnieuw met kleefpleister worden afgeplakt. Deze kunnen om de vier dagen door uzelf vervangen worden, en moeten aangebracht worden tot een 6-tal weken na de ingreep. Vervang deze pleisters NIET elke dag, u kan zo een allergie ontwikkelen. Mocht u toch allergisch hierop reageren( roodheid en jeuk rond de kleefpleister) stopt u hiermee en moet de wonde niet meer bedekt worden. U mag met de kleefpleisters douchen, ze zullen meestal ter plaatse blijven. Een bad waarbij u het hele lichaam onder water wil dompelen, kan u pas nemen na een zestal weken.
Het dragen van een stevige BH, dag en nacht, is  de eerste 6 weken sterk aangewezen. Na deze 6 weken, kan u de beha 's nachts al eens uitlaten, maar overdag moet u zoveel mogelijk de beha blijven dragen tot een 3 maand na de ingreep.

Wat mag u doen van activiteiten? 
Van de dag na de ingreep, is het best om 's ochtends de handen enkele malen op het hoofd te leggen. Hierbij worden de spieren wat opgerokken (dit kan wat pijnlijk zijn), maar dit zorgt ervoor dat het "stijfheidsgevoel" sneller verdwijnt. De eerste drie weken na de ingreep is elke sportactiviteit en zware fysieke arbeid waarbij de armen moeten gebruikt worden, af te raden, zeker indien de prothesen onder de borstspier werden geplaatst. Ook wordt er afgeraden om gedurende deze tijd op de buik of de zij te slapen. Licht (huishoudelijk) werk is meestal al na enkele dagen mogelijk. U mag fietsen / spinnen / wandelen ... Sportactiviteiten waarbij de armen moeten gebruikt worden, kan u (binnen de pijngrenzen) hernemen na een zestal weken. Sportactiviteiten waarbij er "zware schokken" onststaan (bv paardrijden, joggen, etc..) mag u pas hernemen na een drietal maand.

Indien er zich in het postoperatieve verloop onverwachte dingen voordoen, die u niet vertrouwt, zoals koorts, een zichtbare zwelling (één borst die veel groter wordt dan de andere), ongewone pijn of roodheid, gelieve dan onmiddellijk uw arts te raadplegen.

7. Eventuele complicaties

Algemeen

Een borstvergroting is een heelkundige ingreep die hoe dan ook een kans op complicaties en bijwerkingen inhoudt, zoals elke operatie. Effecten van de narcose, wondproblemen, bloeduitstortingen, zwelling en een gestoord genezingsproces kunnen steeds optreden en hiermee dient u steeds rekening te houden. Deze verwikkelingen zijn echter zeer zeldzaam. Een borstvergrotingsoperatie is inderdaad zeer veilig en betrouwbaar en verloopt doorgaans zonder enige verwikkeling.

Specifieke complicaties

  • Kapselvorming
    Rondom elk implantaat vormt het lichaam een schil van littekenweefsel (een kapsel). Dit is een normale reactie van het lichaam. In sommige gevallen kan dit bindweefsel door de jaren heen beginnen samentrekken waardoor de borst hard aanvoelt en gevoelig wordt. Meestal is dit echter na een 10-12 jaar. Wanneer dit pijnen en/of vervormingen van de borst veroorzaakt, kan dit verholpen worden door een nieuwe ingreep. Hierbij wordt het implantaat én het kapsel verwijderd, en kan er een nieuw implantaat geplaatst worden. Deze ingreep kan gedeeltelijk vergoed worden door de mutualiteit/zorgverzekeraar.
  • Plooien en rimpelvorming van het implantaat
    Soms zijn er onderaan de borst of aan de zijkant (buitenkant) van de borst, wat onregelmatigheden te voelen. Dit zijn meestal kleine plooitjes van de prothese. De kans hierop is wat groter wanneer er reeds voor de ingreep werd vastgesteld dat de huid vrij dun is en/of dat er weinig klierweefsel aanwezig is. Indien er dan bovendien nog gekozen wordt voor een prothese die "te groot" is voor de patient, kan dit resulteren in deze rimpelvorming. Bij de recente implantaten heeft dit echter geen gevolgen voor de patient buiten het feit dat ze voelbaar zijn. Er is geen heringreep voor nodig.
  • Verschuiven van het implantaat
    Het implantaat verplaatst zich niet meer eens er een goed kapsel is gevormd. Daarom is het belangrijk om gedurende de eerste 3 weken geen zware inspanningen te doen en de sportBH gedurende een zestal weken te dragen. Wanneer er gekozen wordt voor de druppelvormige implantaten, is er steeds een zeek kleine kans op rotatie (draaien) van het implantaat. Hierdoor heeft de borst geen natuurlijke vorm meer. In dit geval is er een nieuw heelkundig ingrijpen noodzakelijk.
  • "Houdbaarheid" van het implantaat
    De levensduur van het implantaat hoeft niet onbeperkt te zijn. De meeste borstprothese-firma's geven zelfs een "levenslange garantie" op fouten in het implantaat waardoor het stuk zou gaan. Er zit echter geen garantie op de "kapselvorming" die bij iedere patient verschillend kan zijn. Deze kapselvorming kan door de jaren heen pijnen veroorzaken, de borst vervormen en in extreme gevallen de prothese zelfs scheuren. Wanneer een prothese dus vervangen moet worden is dit meestal niet owv de "beperkte houdbaarheid" van de prothese, maar owv deze forse kapselvorming.
    Wanneer er forse kapselvorming ontstaat, is bij niemand te voorspellen. Over het algemeen moet u rekenen dat dit zou kunnen optreden na een 10-15 jaar na de eerste ingreep.

Vaak gestelde vragen

  1. Is silicone wel veilig?
    Al meer dan 50 jaar worden siliconen gebruikt verscheidene toepassingen, zowel in het dagelijkse leven als in de geneeskunde. Het is één van de meest onderzochte materialen en de veiligheid is uitgebreid getest en nagekeken. Siliconen worden ook in de farmaceutische en voedselindustrie volop gebruikt. In vele medische hulpmiddelen zoals pacemakers, hartkleppen, hechtingsmateriaal, glijmiddelen en coatings van injectienaalden en spuiten en zelfs bloedzakken worden siliconen gebruikt. Er zitten zelfs siliconen in puddings, frisdranken, lipsticks, bodylotions, zonnebrandcrèmes, deodorants, haarlak, beddengoed, kleding, en babyverzorgingsproducten.
  2. bMedisch onderzoek heeft duidelijk aangetoond dat er na een borstvergrotingsoperatie geen verhoogde kans op borstkanker bestaat. Het gewone borstonderzoek blijft steeds goed mogelijk, aangezien het borstklierweefsel zich volledig voor het implantaat bevindt. Het radiografisch onderzoek van de borst (mammografie) is ook mogelijk, maar wordt toch wat gehinderd door de aanwezigheid van (voornamelijk gelgevulde) implantaten. De radioloog kan echter wel zijn onderzoek aanpassen. Indien u een verhoogd risico heeft op de ontwikkeling van borstkanker (erfelijkheidsfactoren), zal er ipv een mammografie een NMR (scanner) voorgesteld worden. Dit onderzoek is perfect mogelijk met implantaten. Een echografie van de borsten behoudt zijn waarde en kan een noodzakelijke aanvulling van het onderzoek van uw borsten zijn.
  3. Kan ik nog borstvoeding geven na de ingreep?
    Na een borstvergrotende operatie kan u veilig borstvoeding geven: siliconen dringen niet door in de moedermelk. Borstvoeding kan soms veel moeilijker verlopen als de huid insnede aan de rand van het tepelhof of doorheen de tepel gemaakt werd, waardoor schade aan de melkgangen zou kunnen ontstaan.
  4. Heb ik meer kans op systeemziekten (auto-immuunziekten)?
    Er werd een verband gesuggereerd tussen borstimplantaten en auto-immuunziekten zoals reuma, sclerodermie, bindweefselziekten en met allerlei klachten zoals chronische vermoeidheid, concentratiestoornissen en rugklachten, Gerenommeerde instituten hebben wetenschappelijke studies uitgevoerd bij duizenden vrouwen met en zonder implantaten, zonder dat een verband kon bewezen worden.
  5. Gaan borstprothesen maar een beperkte periode mee? Moeten ze maw vervangen worden?
    De borst implantaten van de firma’s waarmee wij werken geven levenslange garantie op de prothesen. Dat wil zeggen dat indien het implantaat een lek vertoont om onverklaarbare reden, ze terug vergoed zal worden bij een implantaatwissel. De belangrijkste factor is kapselvorming (zie boven). Dit kapsel kan dik en hard worden en samentrekken. Hierdoor kan het implantaat vervormen. Een dergelijk vervormd implantaat moet vervangen worden wanneer het kapsel verwijderd moet worden owv pijn of onesthetisch uitzicht.
  6. Wat is de kostprijs van deze ingreep?
    In onze dienst wordt een totaalpakket voorgesteld. In dit pakket zijn de kosten inbegrepen voor de implantaten, de anaesthesist/narcostiseur, de chirurg, de medicatie, het ziekenhuisverblijf, de verpleegkundige zorgen, verbandmateriaal etc… De preoperatieve en postoperatieve raadplegingen en / of onderzoeken zijn hierin niet inbegrepen. Vermits dit pakket “op maat” gemaakt wordt aan de hand van de gekozen implantaten, zal uw chirurg u hierover informeren tijdens de raadpleging.
  7. Zal ik een groot litteken hebben?
    Dit hangt voornamelijk af van het type van implantaat en de insnede-plaats die gekozen worden. Tijdens de raadpleging zal uw chirurg u hierover informeren.

Indien u bij het lezen van deze pagina’s nog vragen hebt, aarzel dan niet ze aan uw chirurg te stellen. Deze informatie kan immers niet volledig zijn en misschien hebt u ook specifieke problemen. Uw chirurg zal u graag alle inlichtingen verstrekken.

Inhoudsverantwoordelijke
Dr. Bob Vermeulen, plastische chirurgie - 2018

© 2019 Ziekenhuis Oost-Limburg