Zwangerschapsinfo

Leefwijze tijdens de zwangerschap

Tijdens de zwangerschap houdt u best rekening met een aantal aandachtspunten wat betreft uw levenswijze. Zo raden we u ten zeerste af om te roken, dit is niet alleen schadelijk voor uzelf maar ook voor uw baby. Probeer het gebruik van alcohol te beperken.

Wees voorzichtig met het gebruik van geneesmiddelen. Wanneer een arts u bepaalde medicatie voorschrijft, vermeldt dan steeds dat u zwanger bent. Indien u twijfelt of u bepaalde medicatie mag gebruiken, raadpleeg dan steeds uw huisarts, gynaecoloog of vroedvrouw.

Probeer regelmatig aan lichaamsbeweging te doen (bv. wandelen of zwemmen). Competitie- of topsport wordt afgeraden. Probeer toch ook voldoende te rusten, uw lichaam heeft hier behoefte aan.

Voeding tijdens de zwangerschap

Wat betreft voeding raden we u een gezonde en gevarieerde voeding aan. Dit wil zeggen dat u veel groenten, fruit en graanproducten mag eten. Ook heeft uw lichaam veel water en melkproducten nodig. Het gebruik van suiker en zoetigheden moet u beperken. Een gewichtstoename van 10 tot 15kg is normaal tijdens uw zwangerschap.

Voorkomen van besmettingen tijdens de zwangerschap

Toxoplasmose of kattenziekte

Toxoplasmose is een infectieziekte die dient vermeden te worden tijdens de zwangerschap, omdat er bij besmetting aangeboren afwijkingen bij de baby kunnen ontstaan. Deze problemen treden hoofdzakelijk op als u tijdens uw zwangerschap voor de eerste maal besmet zou raken met toxoplasmose. Daarom wordt er door middel van een bloedname nagegaan of u de ziekte al heeft doorgemaakt. Is dit niet het geval dan neemt u best enkele voorzorgsmaatregelen in acht om een besmetting te voorkomen:

  • U eet best geen rauw vlees (bv. filet américain,...). Goed gebakken, gekookt of gerookt vlees en charcuterie zijn geen probleem.
  • Eet enkel rauwe groenten als u weet dat ze goed gewassen zijn. Was ze eventueel nog een keer extra.
  • Als u in contact komt met katten, was dan zeker goed de handen voor u voedingsmiddelen aanraakt.
  • De kattenbak ververst u best met handschoenen of laat iemand anders het doen.
  • In de tuin werkt u best met handschoenen aan.

Listeria

Besmetting met de listeria-bacterie kan leiden tot aangeboren afwijkingen bij de baby en vroeggeboorte. U vermijdt best het eten van Franse schimmelkaas en huisgemaakte paté. De bacterie kan ook voorkomen in niet-gepasteuriseerde melk.

Salmonella

De salmonella-bacterie kan maag- en darmproblemen veroorzaken, die bij een zwangere vrouw vroegtijdige contracties van de baarmoeder kunnen veroorzaken. Daarom wordt het eten van rauwe eieren en onvoldoende gekookte schaal- en schelpdieren afgeraden.

Cytomegalovirus

Wanneer een zwangere voor de eerste maal met het cytomegalovirus (CMV) in contact komt tijdens haar zwangerschap, kan dit ernstige letsels bij de baby veroorzaken (doofheid, mentale stoornissen). Bij de mama kan een besmetting griepachtige symptomen geven, maar het kan ook optreden zonder symptomen. Men kan nagaan of op dat moment de baby ook besmet is, maar men kan niet nagaan of de baby er letsels aan overhoudt.

Wanneer iemand besmet is met CMV wordt het virus in alle lichaamsvochten aangetroffen (bloed, urine, speeksel, tranen, moedermelk,...). Overdracht gebeurt via rechtstreeks contact met deze lichaamsvochten. Zuigelingen, kleuters en jongeren zijn dus risicogroepen. Vaak treden dus ook besmettingen op in eigen gezin, van kind op zwangere mama. Probeer goed de handen te wassen na elk contact met uw kind, dit gedurende de hele zwangerschap. Ook na het aanraken van bestek of speelgoed wordt er aangeraden de handen te wassen.

Prenatale kiné

Het volgen van zwangerschapsoefeningen bij een kinesist is aan te raden, maar het is geen absolute noodzaak. U start best met deze oefeningen rond 26 à 28 weken zwangerschap. U leert de ongemakken op het einde van de zwangerschap beter op te vangen. U leert ook adem- en perstechnieken die u nodig heeft tijdens arbeid en bevalling. Indien nodig kan u een voorschrift voor de kinesist vragen bij de gynaecoloog.

Onderzoeken tijdens de zwangerschap

Bloednames

Per zwangerschap worden er gemiddeld 3 bloednames gedaan. De aanvraag hiervoor krijgt u van uw gynaecoloog. De resultaten van deze bloednames worden tijdens de volgende raadpleging met u besproken. Van eventuele uitzonderlijke resultaten wordt u telefonisch op de hoogte gebracht.

Prenatale screening en diagnostiek

Nekplooimeting

Bij de eerste echo rond 12 weken zal de arts de nekplooi meten. De nekplooi is niet meer dan het vocht onder de huid van de baby ter hoogte van de nek. Bij alle baby’s zit er op 12 weken wel een beetje vocht, maar bij kindjes met syndroom van Down en/of bepaalde andere afwijkingen is de nekplooi vaak abnormaal dik (>3.5 mm). Daarnaast is het mogelijk om vóór de geboorte een schatting te maken van de kans dat uw baby syndroom van Down heeft. Deze testen zijn niet verplicht en u beslist dus zelf of u ze laat uitvoeren en welke test u verkiest.

Combinatietest

U kan kiezen voor de combinatietest, dit is een test die op basis van uw leeftijd, de dikte van de nekplooi van uw baby (die we echografisch op 12 weken meten) en een bloedonderzoek (tussen 9 en 12 weken of tussen 14 en 18 weken geprikt) u zal zeggen of u een lage of een verhoogde

kans hebt op een baby met syndroom van Down. Deze test is bijna volledig terugbetaald, houdt geen risico’s in, maar zal slechts 85% van de baby’s met syndroom van Down opsporen. De test stelt dus geen diagnose, geeft u enkel een schatting van uw kans en is bedoeld om syndroom van

Down en 2 andere chromosomale afwijkingen (trisomie 13 en 18) op te sporen. Ze spoort geen andere afwijkingen op. Als deze test zou aantonen dat uw kans verhoogd is wordt u opgeroepen om verdere onderzoeken, die duidelijkheid kunnen brengen, met u te bespreken.

NIPT

U kan ook kiezen voor de NIPT test (niet-invasieve prenatale test). Dit is een eenvoudige bloedname die kan uitgevoerd worden vanaf 11 weken. Bij deze test zal men zoeken naar DNA van de baby dat in het bloed van de moeder is terecht gekomen. Bij deze test kunnen 99.9% van de baby’s met chromosomale afwijkingen zoals syndroom van Down (trisomie 21), syndroom van Edwards (trisomie 18) en syndroom van Patau (trisomie 13) worden opgespoord en kent u ook het geslacht van uw baby. De NIPT test spoort niet alle afwijkingen op, is wel terugbetaald en wordt enkel aangeboden indien bij de 12 weken echo bleek dat uw baby een nekplooi had die niet verdikt was (< 3.5 mm). Bij een verdikte nekplooi van >3.5 mm willen we alle chromosomale afwijkingen onderzoeken en dit kan voorlopig enkel door middel van een vruchtwaterpunctie, maar (nog) niet via de NIPT test.

Deze test is een persoonlijke keuze en heeft geen enkel risico voor de zwangerschap. Voor meer info en eventuele kosten kan u altijd contact opnemen met de zwangerschapsconsulente op de raadpleging of telefonisch op het nummer 089/32 75 26.

Deze bloedtesten zijn zeker geen verplichting. U bent degene die beslist of u al dan niet wenst één van de testen te ondergaan. Alles is afhankelijk van uw persoonlijke visie omtrent mentale handicap, recht op leven, zwangerschapsonderbreking, enz. Indien u de bloedtest wenst te ondergaan, laat het dan zeker tijdig weten, zodat precies kan worden bepaald wanneer u deze het best laat uitvoeren. Bent u van oordeel dat u hoe dan ook nooit een zwangerschapsonderbreking zou laten uitvoeren, dan raden wij u aan de bloedtest NIET te laten uitvoeren.

Vruchtwaterpunctie

Indien één van bovenstaande testen een afwijkend resultaat aantoont, zal er verder onderzoek worden gedaan om een diagnose te kunnen stellen. Dit zal gebeuren door middel van een vruchtwaterpunctie.

Glucose challenge test of suikertest

Deze test wordt bij alle zwangeren uitgevoerd tussen 26 en 31 weken zwangerschap om zwangerschapsdiabetes op te sporen. Eerst wordt er een bloedname gedaan, daarna moet u een suikerdrankje drinken en na één uur dient de tweede bloedname te gebeuren. Indien deze waarden afwijkend zijn, kan de gynaecoloog beslissen om nog bijkomende testen uit te voeren.

GBS-screening

Groep-B-streptococcen (GBS) zijn frequent aanwezig in de vagina. Voor de mama houdt dit geen risico in, uw kindje kan echter tijdens de bevalling hiermee besmet raken. Alle zwangeren, met een kindje in hoofdligging, worden vanaf 36 weken zwangerschap hierop getest door het nemen van een vaginaal wissertje (pijnloos). Afhankelijk van het resultaat wordt er dan eventueel beslist om antibiotica toe te dienen tijdens de arbeid.

Aanvraag kraamgeld

De aanvraag van het kraamgeld kan gebeuren vanaf 26 weken zwangerschap. Normaal wordt het kraamgeld aangevraagd via het werk van de papa. Is dit om bepaalde redenen niet mogelijk dan moet het kraamgeld via het werk van de mama worden aangevraagd. Wanneer beide niet mogelijk zijn, kan dit gebeuren via de dienst voor uitkeringen.

Uitzondering op deze regel zijn de grensarbeiders. Werkt u als grensarbeider in een land van de Europese Unie, vraag dan op de prenatale raadpleging naar de specifieke informatiebrochure.

Erkenning van de baby

Indien u niet gehuwd bent, kan u vanaf de 26ste zwangerschapsweek samen met uw partner de baby gaan erkennen. Dit kan u doen op het gemeentehuis van uw woonplaats. In sommige gemeentehuizen kan de erkenning ook al voor 26 weken zwangerschap. Het erkenningsbewijs dat u meekrijgt, dient u mee te nemen wanneer u de baby gaat aangeven na de geboorte. Indien de erkenning niet voor de bevalling is gebeurd, kan dit ook samen met de aangifte.

Indien u gehuwd bent, moet u enkel uw baby gaan aangeven na de geboorte.

Inhoudsverantwoordelijke
Prof. Dr. Willem Ombelet, Gynaecologie - 2015

© 2021 Ziekenhuis Oost-Limburg