Verzakking- en incontinentiekliniek

De verzakking- en incontinentiekliniek, soms ook urogynaecologie of bekkenbodemkliniek genoemd, is een gespecialiseerde kliniek voor vrouwen met bekkenbodemproblemen. Deze problemen kunnen zich voordoen op alle leeftijden en zeer uiteenlopend zijn van aard. 

U kan bij ons terecht met uiteenlopende klachten.

Het team

Dr. Eva De Cuyper studeerde af in 1997 aan de Universiteit Antwerpen met grote onderscheiding. Zij specialiseerde in de algemene gynaecologie en verloskunde in het Sint-Augustinusziekenhuis te Wilrijk.
Haar opleiding was toen reeds toegespitst op de operatief technische aspecten van de gynaecologie. Voor haar laatste jaar opleiding werkte zij in het Flinders Medical Centre te Adelaide (Australië) waar haar bijzondere interesse voor de urogynaecologie werd gewekt.

Dr. De Cuyper was academisch staflid aan de universiteit van Amsterdam (AMC) en subspecialiseerde vervolgens in de urogynaecologie aan het Royal Australian College for Obstetricians and Gynaecologists (RANZCOG – CU). Na een totaal van 5 jaar opleiding in Australië, studeerde zij wederom af met grote onderscheiding  (2007) als urogynaecologe.
Dr. De Cuyper werkt sinds 2008 als voltijdse subspecialiste in de urogynaecologie in het Ziekenhuis Oost-Limburg te Genk.

Diane Raemaekers en Hilde Nelissen zijn van opleiding vroedvrouw en werkzaam op de consultatie gynaecologie. Zij hebben zich extra bekwaamd tot incontinentieverpleegkundigen en in de urodynamica. Diane en Hilde staan in voor de urodynamische testen, helpen bij de ambulante cystoscopieën en begeleiden patiënten met (tijdelijke) (zelf)katheterisatie na een operatie.

Werkwijze
  1. Tijdens een consultatie worden al uw klachten in kaart gebracht.
  2. Soms kan het invullen van een vragenlijst(externe link) helpen om het probleem te verduidelijken of ook het bijhouden van een plasdagboek(externe link) zinvol zijn. Indien gewenst, kan u deze documenten alvast afprinten en ingevuld meebrengen naar de consultatie. Dit vergemakkelijkt vaak het gesprek.
    Breng, indien mogelijk en van toepassing, alle relevante medische informatie(externe link) mee zoals vroegere operatieverslagen, medicijnen die u neemt, laboresultaten etc.
    Uw huisarts kan u hierbij helpen.
  3. Er zal een routine klinisch (vaginaal) onderzoek plaatsvinden en een transvaginale echografie. Bij het onderzoek zal een speculum (lepelspeculum) worden gebruikt om de vaginale wanden van elkaar te scheiden en zo te zien welk orgaan verzakt zit. Door middel van dit onderzoek hebben wij reeds een goed beeld van uw verzakking.
  4. Soms zijn er aanvullende onderzoeken noodzakelijk zoals:
     
    • urineanalyse(s)
    • urodynamisch onderzoek
    • (ambulante) cystoscopie
    • RX-colpocystodefecografie
Onderzoeken

Gynaecologisch onderzoek

Om de aard en omvang van uw klachten te objectiveren, wordt een inwendig onderzoek uitgevoerd. U neemt hiervoor plaats in een gynaecologische stoel waarna de arts kijkt naar de geslachtsorganen en de vaginale verzakking. Er wordt gevraagd om tijdens dit inwendig onderzoek te persen zodat goed ingeschat kan worden hoe groot de verzakking is.

Een aanvullende vaginale echografie kan noodzakelijk zijn om de gynaecologische organen en de blaas te bekijken.

Cystoscopie

Bij een cystoscopie wordt de binnenkant van de urinebuis en de blaas bekeken met behulp van een cystoscoop; een buisje met camera. U hoeft thuis geen voorbereidingen te treffen voor een cystoscopie. Het onderzoek vindt plaats  zonder narcose en  duurt ongeveer 10 minuten. U mag na het onderzoek vrijwel direct terug naar huis gaan en tegen autorijden bestaat geen bezwaar. 

Het onderzoek vindt plaats in een onderzoeksruimte waar een gynaecologische stoel staat. Er wordt een verdovend glijmiddel in de plasbuis aangebracht nadat de regio werd ontsmet. Tijdens het onderzoek wordt de blaas gevuld met water en kunt u soms de aandrang krijgen om te plassen. Het onderzoek doet geen pijn. U kunt meevolgen op een scherm wat de arts ziet en de arts vertelt u ook direct na het onderzoek wat de uitslag is.

Een cystoscopie kan een blaasontsteking veroorzaken en om dit te voorkomen, krijgt u van ons antibiotica mee naar huis om ’s avonds éénmalig in te nemen.

Urodynamisch onderzoek

Bij een urodynamisch onderzoek (UDO) wordt de werking van uw blaas en plasbuis onderzocht. Dit onderzoek kan aangewezen zijn bij klachten van urineverlies, bij een drangblaas of overactieve blaas of bij klachten van slecht kunnen plassen. Ook wordt dit onderzoek afgesproken als u een verzakkingsoperatie moet ondergaan.

Tijdens het onderzoek wordt een dun buisje (katheter) in de blaas gebracht. Deze katheter meet de druk in de blaas en de plasbuis. Een zelfde soort buisje wordt via de anus in het uiteinde van de dikke darm geplaatst om ook hier de druk te meten. Op de huid van de bekkenbodem worden elektroden geplaatst om ook reactie van de bekkenbodemspieren te meten. De blaas wordt tijdens het onderzoek met water gevuld en alle informatie van de verschillende kabeltjes, wordt in een computer vastgelegd en verwerkt. Op deze manier krijgen wij informatie over de blaascapaciteit, de blaasdruk, de afsluitdruk van de urinebuis, de stroomsnelheid van de urine door de urinebuis en eventueel residu’s.  Ook wordt zichtbaar of u urine verliest en wat mogelijks de oorzaak ervan is.

Het onderzoek duurt een half uur en er is geen speciale voorbereiding voor nodig. Het onderzoek wordt uitgevoerd in een onderzoekslokaaltje op de consultatie gynaecologie. Na het onderzoek komt u terug op raadpleging bij de arts die vervolgens met u de resultaten bespreekt.

Het urodynamisch onderzoek kan een blaasontsteking veroorzaken en daarom wordt antibiotica meegegeven om ’s avonds in te nemen.

Prolaps

Vaginale prolaps is de medische term voor ‘verzakking’. Tot 20% van de vrouwen ontwikkelt tijdens hun leven klachten van een verzakking.

Incontinentie

Tot 20% van onze vrouwelijke bevolking heeft last van urinaire incontinentie. Dit wil zeggen dat ze onvrijwillig urine verliezen. Urineverlies kan in alle leeftijdsgroepen voorkomen en is niet strikt gebonden aan zwangerschap of bevalling. De percentages nemen toe op oudere leeftijd.

Hospitalisatie

Vooropname

U wordt gevraagd om zich te melden aan het loket 7 (bij het onthaal) met uw documenten voor een vooropname. Deze documenten ontvangt u op de consultatie van uw arts, wanneer uw operatie wordt besproken en gepland.
Aan loket 7 krijgt u praktische inlichtingen over uw opname. De meeste mensen komen binnen in de ochtend van de operatiedag. Soms kan ook een opname op de avond voordien. U kan tevens uw voorkeur opgeven in verband met het type kamer (privé of gemeenschappelijke kamer). Hiermee zal zoveel mogelijk rekening worden gehouden, doch er is geen vaste toezegging mogelijk. De kamerverdeling is afhankelijk van de bezettingsgraad en de eventuele aanwezigheid van patiënten die om medische redenen op een privékamer moeten verblijven.

Een opname op de dienst GMAT

Dit is de afdeling Gynaecologie / Materniteit.
Bij een geplande opname meldt u zich aan het onthaal van het ziekenhuis. Hier wordt u ingeschreven, waarna u met of zonder begeleiding en de nodige inschrijvingsformulieren naar de afdeling komt.
Bevallen moeders met kind en patiënten die van een operatie herstellende zijn, liggen gescheiden van elkaar, zodat iedereen met de nodige rust kan herstellen.

Duur van opname

Na incontinentiechirurgie (bv. TVT of TVT-0) kan u meestal daags na de ingreep weer naar huis.
Na een operatie voor verzakking plannen we een verblijf van 4 dagen in het ziekenhuis. Afhankelijk van uw welbevinden kan dit met een dag verlengd of ingekort worden. Dit gebeurt steeds in samenspraak met uw behandelende arts.

Bezoekuren

De bezoekuren zijn dagelijks van 14 tot 20u. Gelieve hiermee rekening te houden en uw bezoek te spreiden zodat u als patiënt of uw familielid ook de nodige tijd krijgt om te rusten.

Zaalronde artsen

Gynaecologen en/of hun assistenten toeren dagelijks. Er zijn echter geen vaste uren voor zaalronde.
Elke arts komt meestal langs rond hetzelfde tijdstip. Voor Dr. De Cuyper is dit tussen 13.30 en 14u.

Belangrijke weetjes

  • Indien u wordt opgenomen voor een operatieve ingreep is het voor ons niet altijd mogelijk om correct in te schatten hoe laat de operatie zal plaatsvinden. Dit is afhankelijk van het operatieschema en de eventuele spoedopnames. Daarom kan het zijn dat u mogelijks een tijd dient te wachten. Hiervoor onze excuses.
  • Bij een opname raden we u aan om geen waardevolle voorwerpen mee te brengen. Mocht u deze toch bij hebben, vragen wij u graag om alles in de kast achter slot te bewaren. De sleutel houdt u zelf bij of geeft u in bewaring aan de balie van de afdeling.
  • Indien u thuis medicatie neemt, gelieve deze mee te brengen (liefst in hun originele verpakking) en af te geven aan de verpleegkundige tijdens het opnamegesprek. Er wordt gevraagd om tijdens uw verblijf zelf geen medicatie te nemen zonder toelating van de geneesheer of verpleegkundige.
  • Inname van slaapmiddelen wordt afgeraden tot 3 dagen na een narcose. Dit om verwardheid en mogelijke ongevallen te voorkomen.
  • Om reden van praktische aard vragen we u om gemakkelijke nachtkledij aan te trekken. Na de operatie heeft u een verblijfsonde gedurende 24 – 48 uur.
  • Zorg voor eigen handdoeken, washandjes en toiletgerief.
  • Als u overdag de dienst wil verlaten om naar de hal of naar het cafetaria te gaan, gelieve dan de verpleegkundige hiervan te verwittigen. Hij/ zij zal zeggen of dit mogelijk is. Vanaf 22u verwachten wij dat alle patiënten op de kamer zijn.
  • In de gang is een drankfontein voorzien waar u gekoeld of bruisend water kunt krijgen. Wanneer uw blaassonde net werd verwijderd, wordt u thans gevraagd om gematigd te drinken zodat wij uw mictiepatroon kunnen volgen en ons vergewissen van volledige blaaslediging. Dit heet residumeting na mictie en zal u volledig worden uitgelegd wanneer voor u van toepassing.
  • Op de afdeling wordt er niet gerookt. Een rookruimte is voorzien in de inkomhal van het ziekenhuis. Hou het rustig op de afdeling, maak geen lawaai. Bezoekende kinderen blijven bij voorkeur onder begeleiding op de kamer. Wij willen rekening houden met het comfort van al onze patiënten.
  • De geneesheren, hoofdverpleegkundige en alle medewerkers op de afdeling zullen uw vragen steeds zo goed mogelijk beantwoorden. Indien dit niet mogelijk is, spreken zij voor u een verantwoordelijke persoon aan.

Ontslag uit het ziekenhuis

Uw arts zal u tijdig verwittigen wanneer u naar huis mag gaan. U krijgt pijnstilling mee voor de eerste dagen (2 – 3 dagen) na ontslag samen met eventuele voorschriften voor de apotheker, mocht dit van toepassing zijn voor u. Ook alle thuismedicatie die u bij de verpleegkundige heeft afgegeven, krijgt u weer mee naar huis.
Indien gewenst, kan u een thuisverpleegkundige laten komen voor bv. hulp bij het wassen of andere. Geef ons een seintje wanneer wij u hiermee kunnen helpen.

Bij ontslag worden alle documenten die nodig zijn voor uw mutualiteit, hospitalisatieverzekering of ziekteverlet voor het werk ingevuld. Gelieve zelf te voorzien in alle nodige documenten.
Er zal een verslag worden opgemaakt over uw operatie en uw verblijf in het ziekenhuis. Uw huisarts ontvangt steeds een kopie.

Postoperatieve instructies

Hechtingsmateriaal > ‘draadjes’

Uw operatie werd vaginaal uitgevoerd:
desbetreffend ziet u hechtingsmateriaal over het verloop van de vaginale voorwand en/of de achterwand tot diep naar de vaginale koepel toe. Soms wordt ook de brug tussen vagina en aars hersteld zodat u ook daar ‘draadjes’ kunt voelen. Ongemak vnl. wanneer u gaat zitten is vaak aanwezig.

  • Alle draadjes verteren vanzelf
  • Er mogen NOOIT knoopjes worden losgeknipt, ook niet door uw huisarts

Uw operatie werd laparoscopisch uitgevoerd:
De toegangspoorten ter hoogte van de buikwand werden gesloten met een draad die niet zelf-verterend is. Deze draadjes moeten 7 - 10 dagen na de ingreep worden verwijderd. Dit doet uw huisarts of een thuisverpleegkundige.

Bloedverlies

Rood vaginaal bloedverlies gedurende minstens 10 dagen is normaal. Daarna ziet u een rozige afscheiding (wondvocht) en tenslotte heeft u gelig verlies tot minstens 4 weken na de operatie. Bloed heeft een typische geur, alsnog mag de afscheiding niet echt ‘stinken’.
Wanneer dit wel het geval is, contacteert u best een arts.

Wondverzorging

Spoel de vulva met de douchekop 2x per dag met warm water. Gebruik hierbij geen zepen noch andere ontsmettende middelen. Gebruik geen middelen IN de vagina zoals Isobetadine, schimmelzalf ea. Indien u twijfelt, raadpleeg uw arts. Ga NIET in bad noch zwemmen – u mag de wonde niet in water ‘weken’.

Pijnstilling

Nog enkele dagen paracetamol doornemen na uw ontslag is geen overbodige luxe. U mag max. 1g innemen 3x per dag. Eventueel kan ook een zetpil Voltaren (NSAID) ’s avonds helpen. Deze medicijnen krijgt u mee vanuit het ziekenhuis bij uw ontslag.

Thuisverpleegkundige

Wanneer u zelfredzaam bent en mobiel, heeft u normaal gezien geen speciale zorgen nodig van een thuisverpleegkundige. Indien u toch verpleging aan huis wenst, mag u ons hierover aanspreken en zullen wij het nodige voor u regelen.

Trombose-preventie

In het ziekenhuis draagt u steunkousen te allen tijde en krijgt u injecties die het bloed verdunnen. Dit moet thuis meestal niet meer worden verder gezet. Afhankelijk van uw leeftijd, lichaamsgewicht en andere ziekten kan hierop een uitzondering worden gemaakt. In dat geval zal u geïnformeerd worden door uw arts en krijgt u de nodige voorschriften mee voor de apotheker en een thuisverpleegkundige.

Blaassonde

Soms heeft uw blaas, na een operatie voor verzakking, wat meer tijd nodig om haar werk te hervatten. Vaak voelt u niet goed of de blaas gevuld is of kan u de blaas niet volledig leeg wateren.
In dit geval krijgt u opnieuw een verblijfsonde (katheter) en zal deze gedurende 10 dagen blijven zitten. Dit doet zich voor in 8-10% van de patiënten.
Met de verblijfsonde kan u perfect naar huis. Alle richtlijnen voor wondverzorging zoals hierboven beschreven zijn verder van toepassing.
De sonde is verbonden met een urinezak. De zak voor overdag is kleiner en kan aan het bovenbeen worden bevestigd. U kan gewone kleding dragen. De zak voor ‘s nachts is groter en ligt naast uw bed op de grond. Urinezakken verwisselen is niet moeilijk. Alles wordt u aangeleerd tijdens uw verblijf in het ziekenhuis, wanneer dit voor u van toepassing is.
Best neemt u antibiotica voor zolang de verblijfsonde aanwezig is, om een urineweginfectie te voorkomen. U krijgt hiervoor de nodige voorschriften mee bij ontslag.

Stoelgang

De operatieve ingreep en ook de narcose kunnen invloed hebben op de werking van uw darmen.
Sommige mensen hebben (enkele dagen) diarree en andere wederom constipatie (verstopping).
Een opgeblazen gevoel kan ook lang aanwezig blijven (> 6 weken).
Verzorg je stoelgang door voldoende vezels te eten en water te drinken. Yoghurt kan helpen om de darmflora te herstellen. U krijgt zakjes Movicol mee naar huis voor in het geval dat u geobstipeerd bent. Neem deze tijdig in. Probeer de stoelgang zacht te houden zodat u niet overmatig moet drukken op het toilet tijdens uw herstel. Ook langdurig gebruik van Movicol (bv 1 zak per dag of om de 2 dagen) is geen probleem.

Operatieve ingrepen ter hoogte van de vaginale achterwand (= colporrafie posterior) kunnen stuwing veroorzaken ter hoogte van de anale mucosa en het vaatbed. Dit voelt zoals speen en kan pijnlijk zijn. Speenzalven en/of zetpillen kunnen verlichting geven en mogen zeker gebruikt worden.
Wanneer u reeds in het verleden speenklachten hebt gehad, verwittig dan tijdig u arts zodat we een voorschriftje voor zalf kunnen meegeven bij ontslag.

Tijdelijk verlies van controle over uw stoelgang onmiddellijk na een bekkenbodemherstel is gekend en normaal. Ook het gevoel van aandrang kan veranderd zijn. Dit normaliseert doorgaans over een periode van 2-6 weken.

Mobilisatie

Thuis mag u gedurende 6 weken GEEN huishoudelijke taken verrichten zoals dweilen, stofzuigen, meubels of kinderen heffen etc. U mag zich wel normaal bewegen in huis; ook trappen mag u lopen – voorzichtig en in beperkte mate.

Ga tijdig en meermaals per dag zitten of op de zetel liggen. Dit is de enige manier om uw bekkenbodem en hiermee de operatieve regio te ontlasten.

Ga niet uitgebreid winkelen of ‘toertjes wandelen’ gedurende 6 weken. Ook fietsen en andere sporten moeten uitgesteld worden tot na de postoperatieve controle.

Twee weken na ontslag mag u weer zelf autorijden. Hef thans geen zware tassen in en uit de auto.

Werkverlet

De meeste mensen zijn weer fit voor de werkvloer na 6 weken herstellen.
Oefent u een zwaar fysiek beroep uit, kunnen 8 weken werkverlet worden voorzien.

Controle afspraak

U wordt vriendelijk verzocht om zelf een controle afspraak te maken op de consultatie gynaecologie voor 6 weken na uw operatie. Maak deze afspraak zo tijdig mogelijk.
Hiervoor kan u bellen op het telefoonnummer: 089/32. 75. 21 van 8.00 tot 17.30u.

Contact

Dienst afspraken (ZOL Genk, campus Sint-Jan en Medisch Centrum André Dumont)

Tel. 089 80 80 80

Consultatie Gynaecologie

Tel. 089 80 71 00

GMAT verpleegkundige

Tel. 089 80 61 10

Inhoudsverantwoordelijke Dr. Eva De Cuyper, Gynaecologie-verloskunde - 2026