‘Partner in zorg’ ondersteunt patiënten
Patiënten op een hospitalisatieafdeling in ZOL kunnen voortaan één of meerdere partners in zorg aanduiden. Door hun aanwezigheid en betrokkenheid dragen zij, samen met het zorgteam, bij aan het comfort en welzijn van de patiënt. In overleg met het zorgteam en op vrijwillige basis kunnen zij, indien gewenst, ondersteuning bieden bij bepaalde zorgtaken. Na een positieve testperiode wordt het project ziekenhuisbreed uitgerold.
ZOL streeft naar persoonsgerichte zorg, zorg die verder gaat dan medische behandelingen. De mogelijkheid om een ‘partner in zorg’ aan te duiden, is een belangrijke stap in het uitbreiden van die visie.
“Uit het pilootproject blijkt dat de aanwezigheid van een partner in zorg rust, nabijheid en veiligheid biedt. Het vermindert stress en angst en kan helpen bij het herstelproces,” vertelt zorgcoördinator Karla Briers.
Een echtgenoot of een goede vriend
Een partner in zorg is iemand die door de patiënt zelf gekozen wordt. De enige voorwaarde is dat de zorgpartner zelfredzaam is en zelf geen zorg of ondersteuning nodig heeft. Het kan dus gaan om een echtgenoot, een goede vriend, een kind, een mantelzorger of iemand anders die belangrijk is voor de patiënt. Er kunnen bovendien meerdere personen afwisselend partner in zorg zijn.
Emotionele en praktische hulp
“Een partner in zorg mag buiten de bezoekuren aanwezig zijn, en kan, indien gewenst en in overleg met het zorgteam, ondersteuning geven bij zorgtaken. Het gaat om het uitvoeren van dagelijkse handelingen. Denk aan eten geven (als er geen slikstoornissen zijn), afruimen na het eten, helpen met wassen, herpositioneren in bed of zetel. Ook op communicatief vlak kan een partner in zorg een grote hulp zijn. Patiënten krijgen vaak veel informatie, en het is geruststellend als iemand mee kan luisteren en onthouden”, gaat Karla Briers verder.
"We merken dat veel partners in zorg met de patiënt samenleven, denk aan partners of ouders. In dat geval sluiten de ondersteunende taken vaak aan bij wat zij thuis al doen, zoals helpen bij toiletbezoek of hygiënische zorgen. Dat maakt dat patiënten zich onmiddellijk meer thuis voelen”, aldus Merve Marangoz, verpleegkundige op de dienst Gastro-enterologie.
“Voor de meeste patiënten en hun familieleden blijkt het project bijzonder waardevol. De extra emotionele steun vermindert angst en stress, en zorgt tegelijk voor een betere communicatie met artsen en andere zorgverleners. Hoewel partners in zorg vaak eerst wat terughoudend zijn uit vrees om iets verkeerd te doen, verdwijnt die onzekerheid meestal snel met de juiste begeleiding. Bovendien krijgen wij als zorgverleners een beter beeld van de thuissituatie van de patiënt en hoe hij of zij functioneert in het dagelijks leven,” vertelt verpleegkundig specialist Beroertezorg Anke Verbruggen.
Goede afspraken
Nu sommige partners in zorg de hele dag op de afdeling aanwezig kunnen zijn, is het ook voor de zorgteams even wennen. “Daarom maken we vooraf duidelijke afspraken met de patiënt en de partner,” benadrukt Karla Briers.