Future Health: tien jaar innovatie in ZOL, waar wetenschap en klinische zorg samenkomen
Innovatie en onderzoek
In 2015 werd Future Health opgericht als de onderzoeksafdeling van ZOL. De bedoeling was om een centrale plek te creëren waar nieuwe ideeën en technologieën voor de zorg kunnen worden ontwikkeld en ondersteund. Dit om klinisch onderzoek dichter bij de patiënt te brengen, zowel binnen als buiten ZOL. "Future Health is het ZOL-platform waar klinische zorg de brug slaat met onderzoek, opleiding en ondernemerschap, met een continue focus op kwaliteit, innovatie en patiëntgerichte zorg. We kunnen trots terugblikken op heel wat realisaties en mijlpalen," zegt innovatiemanager Arne Janssen, die sinds 2023 aan het hoofd staat van Future Health.
Future Health werd opgericht om zorginnovatie binnen ZOL te centraliseren en te ondersteunen. Binnen het ziekenhuis leefden veel innovatieve ideeën, maar vaak vonden die geen voedingsbodem om te groeien. Ook externe partijen – van jonge start-ups tot internationale Research & Development-instellingen – toonden interesse om met ZOL samen te werken, maar vonden moeilijk hun weg. Er was nood aan een duidelijk aanspreekpunt, een flexibele structuur en een ecosysteem dat zorg, industrie en onderzoek verbindt. “De ambitie was om van ZOL en Future Health toonaangevende spelers in het zorglandschap te maken," aldus cardioloog prof. dr. Vandervoort, medisch coördinator van Future Health.
In een veranderende wereld is het cruciaal dat ziekenhuizen inspelen op nieuwe trends. De toenemende vergrijzing en het stijgend aantal patiënten met chronische aandoeningen vragen om een innovatieve aanpak. Technologie en big data bieden daarbij nieuwe mogelijkheden om de zorg te verbeteren. ZOL wil zich profileren als voorkeurspartner van nieuwe spelers op de zorgmarkt. Future Health speelt hierin een sleutelrol door synergiën te creëren, expertise te bundelen en nieuwe domeinen te verkennen.
Academische samenwerking
Future Health fungeerde de afgelopen jaren als bruggenbouwer tussen het ziekenhuis en de buitenwereld. Zo werden talloze partnerships met externe partijen opgezet. Er is al jaren een structurele samenwerking met academische partners zoals UHasselt, Jessa en ZOL binnen het Limburg Clinical Research Center (LCRC), waar de Mobile Health Unit (MHU) en het Remote Clinical Monitoring Centrum (RCMC) twee componenten van zijn.
De MHU focust op onderzoek en implementatie van telemonitoring toepassingen. Het digitale onderzoeksplatform DHARMA, opgericht binnen de MHU, laat toe om de impact van deze telemonitoring te bestuderen door data van de patiënten op afstand te capteren. Zo werd In het PREMOM-project o.a. onderzocht of telemonitoring zwangerschapsuitkomsten verbetert bij vrouwen met verhoogd risico op zwangerschapsvergiftiging. “Fibricheck, een telemonitoring toepassing om hartritmestoornissen op te sporen, is het paradepaardje van de MHU. Dit is een mooi voorbeeld waarbij een onderzoeksidee uitgroeide tot spin-off bedrijf en zo uiteindelijk de weg van onderzoeksidee tot klinische implementatie rond is”, aldus Julie Vranken (MHU- coördinator).
Voor opleiding is er nauwe samenwerking met Vlaamse, Belgische en internationale onderwijsinstellingen, (voornamelijk met de UHasselt). Zorgverleners uit ZOL treden op als docent, stagemeester en mentor, en leveren een belangrijke bijdrage aan de opleiding van studenten en assistenten.
Grant Office
In 2024 heeft Future Health tevens een Grant Office opgericht. De Grant Office fungeert als centraal aanspreekpunt voor alles wat te maken heeft met gesubsidieerde onderzoeksprojecten binnen ZOL. Het hoofddoel is om artsen, onderzoekers en medewerkers te ondersteunen bij het ontwikkelen, indienen en opvolgen van onderzoeks- en innovatieprojecten met externe subsidies. “Navigeren door nationale en internationale subsidiekanalen (zoals Fonds Wetenschappelijk Onderzoek,
Vlaams Agentschap Innoveren & Ondernemen, Horizon Europe, Interregional Cooperation Programme, Innovative Health Initiative, Federaal Kenniscentrum voor de Gezondheidszorg (KCE, enz.) is niet eenvoudig en heeft vaak specifieke regels en criteria waar een onderzoeker onvoldoende kennis over heeft. Op deze manier willen we nog meer inzetten op het onderzoek van onze eigen artsen en medewerkers, in alle fasen van een subsidieproject.”, aldus Christophe Smeets (LCRC- coördinator en verantwoordelijke van de Grant Office).”
Partnerships
Sinds het ontstaan van Future Health zijn er veel structurele samenwerkingen opgezet met externe organisaties actief in innovatie en klinisch onderzoek. “Het belang van een goed ecosysteem is niet te onderschatten”, aldus Arne Janssen. “Zo wordt er al 10 jaar zeer nauw samengewerkt met het grote onderzoekscentrum imec, waarbij ZOL de vaste onderzoekspartner is om nieuwe zorgtechnologieën uit te testen. Er wordt ook samengewerkt met acceleratoren, venture capital funds en incubatoren om toegang te krijgen tot een groeiend ecosysteem van beloftevolle startups. Dit opent de deur naar klinische studies, validatietrajecten en co-creatie van nieuwe zorgoplossingen. Tegelijkertijd positioneert ZOL zich als innovatief ziekenhuis en als een aantrekkelijke partner voor jonge bedrijven die hun technologie in een realistische zorgcontext willen testen. Zo is ZOL al jaren lid van het venture capital fund QBIC en is er een structurele samenwerking met imec.istart (voorheen met het Blue Health Innovation Center) binnen Limburg om (pre-)acceleratie initiatieven in onze provincie te faciliteren.”
“Er zijn al zeer veel mooie partnerships met diverse start-ups ontstaan uit deze samenwerkingen. Enkele voorbeelden zijn Deo.care, Bloomlife, Qompium, Ceriter en Ectosense. Ook de rol van andere ziekenhuizen en netwerk- en ledenorganisaties (zoals In4Care) is niet te onderschatten. Hierdoor zijn we in de mogelijkheid om deel te nemen aan grote (inter)nationale studies zoals het Sepsis-Connect (met o.a. AZ Groeninge), waarbij we een AI-model ontwikkelen voor de vroegtijdige detectie van sepsis, of het EDEN medical project (met o.a. het Zuyderland ziekenhuis en het universitair ziekenhuis van Aken, waarbij we de inzet van drones voor medisch transport exploreren.”
Limburg als innovatieregio
Een ander belangrijk aspect is de versterking van het regionale innovatie-ecosysteem. Samen met Limburgse partners zoals POM Limburg, de Health Campus Limburg DC en LRM positioneert Future Health zich als een kernspeler in regionale zorginnovatie door het promoten van het lokale potentieel met als doel om nationale en internationale bedrijven naar onze regio te trekken. Flanders Investment & Trade is hierbij een belangrijke partner voor de buitenlandse bedrijven. Zo werden er in het verleden al delegaties ontvangen uit diverse landen (India, Brazilië, Wales, Zuid-Korea, etc) en werd er deelgenomen aan internationale congressen, het meest recente in Japan.
Clinical Trial Unit
Sinds de oprichting in 2017 speelt de Clinical Trial Unit (CTU) van ZOL een centrale rol in het ondersteunen en faciliteren van klinisch onderzoek. Als gespecialiseerd aanspreekpunt biedt de CTU een breed scala aan diensten aan zowel interne als externe onderzoekers, met als doel om klinische studies efficiënt, kwalitatief en patiëntgericht te laten verlopen.
De CTU fungeert als een dienstverlenende unit voor het ziekenhuis, waar zorgverleners terechtkunnen met vragen over het opstarten, uitvoeren en opvolgen van klinische studies. Daarnaast biedt de CTU gerichte ondersteuning aan onderzoekers via gespecialiseerde rollen zoals:
- Studiecoördinatoren: ze zorgen voor de praktische organisatie en dagelijkse opvolging van studies.
- Projectmanagers: ze bewaken de voortgang, budgetten en deadlines van onderzoeksprojecten.
- Datamanagers: ze staan in voor de correcte verwerking van onderzoeksdata.
- Monitoren: ze waken over de naleving van protocollen, wetgeving en kwaliteitsnormen.
Met de CTU kunnen onderzoekers rekenen op professionele begeleiding in elke fase van hun studie, van opstart tot afronding. De CTU draagt zo bij aan een onderzoekscultuur waarin kwaliteit, compliance en patiëntveiligheid voorop staan.
Een belangrijke katalysator in de groei van de CTU was het vertrouwen van het Federaal Kenniscentrum voor de Gezondheidszorg (KCE) in de onderzoekers van ZOL en de CTU. De CTU van ZOL werd in 2017 erkend als eerste niet-universitaire CTU en financierde volgende projecten:
- ADVOR: baanbrekend onderzoek naar een nieuwe behandeling voor hartfalen, gepubliceerd in The New England Journal of Medicine.
- PRECISE: onderzoek in Belgische en Nederlandse ziekenhuizen naar eiwitrijke voeding bij kritiek zieke patiënten, gepubliceerd in The Lancet.
- PRIORI: studie naar de rol van het vaginaal microbioom bij vroeggeboorte.
- COGENIUS: evaluatie van radiofrequente pijntherapie bij chronische kniepijn.
- IRON-PH: effectevaluatie van intraveneuze toediening van ijzerpreparaat op inspanningscapaciteit bij patiënten met pulmonale hypertensie.
Sinds 2020 worden binnen ZOL, studiecoördinatoren van de CTU actief ingezet op verschillende ziekenhuisdiensten om klinisch onderzoek praktisch te ondersteunen. Deze medewerkers zorgen voor de dagelijkse organisatie en opvolging van studies: van het voorbereiden van inclusies tot het coördineren van studiedocumentatie en het contact met sponsors en patiënten. “Wat begon als een kleinschalig initiatief, is intussen uitgegroeid tot een breed gedragen werking: vandaag zijn onze studiecoördinatoren actief in maar liefst 10 verschillende departementen binnen ZOL. Dankzij hun inzet kunnen artsen en onderzoekers zich focussen op de inhoud, terwijl de operationele kant van het onderzoek professioneel wordt ondersteund”, aldus Katrien Tartaglia.
De expertise, opgebouwd door het CTU-team, wordt ook ingezet buiten ZOL. Onderzoeksinstellingen die nood hebben aan extra ondersteuning kunnen een beroep doen op het CTU-project team. Voorbeelden hiervan zijn:
DAWN: Onderzoek naar antivirale middelen bij COVID-19 in de eerstelijnszorg (sponsor KULeuven)
REPAIR: Onderzoek naar de (kosten)effectiviteit van Attachment Based Family Therapy (ABFT) bij jongvolwassenen (16–30 jaar) met ernstige suïcidale gedachten of eerdere suïcidepogingen.
Naast de ondersteuning van klinische studies, staat de loketdienst van de CTU ook in voor de opstart van wetenschappelijke stagiairs en vrijwilligers binnen ZOL. Het team beheert het volledige administratieve proces, zodat deze medewerkers vlot en efficiënt toegang krijgen tot het ziekenhuis en de nodige applicaties. Door het correct en tijdig afhandelen van alle vereiste administratie en procedures, zorgt de CTU ervoor dat stagiairs en vrijwilligers snel aan de slag kunnen in een goed omkaderde en veilige onderzoeksomgeving.
Tot slot lanceerde het CTU het Research Portal in de zomer van 2024, een interne applicatie die ZOL een centraal en actueel overzicht biedt van alle lopende en opstartende studies binnen het ziekenhuis. Deze tool maakt het mogelijk om de status van elk onderzoeksproject eenvoudig te volgen en zorgt ervoor dat verschillende stappen in het goedkeuringsproces van studies grotendeels geautomatiseerd verlopen. Het Research Portal is daarmee een belangrijke stap richting efficiënter en transparanter onderzoek binnen ZOL.
Toekomst
In oktober 2024 werd de Vaccination Trial Unit (VTU) geopend. In dit onderzoekscentrum worden nieuwe of verbeterde vaccins verder getest op werkzaamheid en veiligheid. Zo draagt ZOL bij aan de preventie van infectieziekten en de ontwikkeling van doeltreffende vaccins. Er wordt momenteel ook gewerkt aan een structuur om RWD-studies beter te kunnen ondersteunen. Het secundair gebruik van medische data is hierbij belangrijk.
Er staan nog heel wat nieuwe initiatieven gepland. Arne Janssen: "We willen onze externe dienstverlening verder uitbouwen. We werken aan een kwaliteitsmanagementsysteem en lanceren een eigen 3D-lab voor medische en niet-medische toepassingen in het zorglandschap. Het lab wordt een voedingsbodem voor innovatie, via samenwerkingen met academische en industriële partners. We onderzoeken ook educatieve toepassingen en externe valorisatie. In 2025 werd het ZOL 3D-lab officieel erkend door het FAGG als ‘in-house fabrikant’ en ‘fabrikant op maat’.”
"Door onze geïntegreerde ecosysteemaanpak overstijgen we individuele projecten. We bouwen aan een duurzame structuur waarin samenwerking, kennisdeling en gezamenlijke strategie centraal staan. Zo maken we van Limburg een regio waar zorginnovatie niet alleen ontstaat, maar ook groeit en rendeert – voor patiënten, zorgverleners én ondernemers," besluit Arne Janssen.