20 jaar stereotactische radiotherapie
20 jaar stereotactische radiotherapie
“Steeds meer mogelijkheden en betere overlevingskansen”
Twintig jaar geleden kon het enkel bij bepaalde hersentumoren, vandaag bij quasi alle organen. Stereotactische radiotherapie evolueerde de afgelopen twee decennia enorm. “Dankzij de hoge dosis stralen kunnen we kleine tumoren sterk verminderen of zelfs volledig genezen. Dat betekent een grote vooruitgang in de overlevingskansen van patiënten”, aldus dr. Annelies Maes, radiotherapeut in het Limburgs Oncologisch Centrum (LOC).
Een bestralingsbehandeling waarbij in één of enkele sessies een hele hoge dosis zéér precies wordt toegediend op een klein volume, met als doel de tumor volledig te laten verdwijnen zonder majeure toxiciteit aan het omliggende gezonde weefsel. Stereotaxie is geschikt voor kleinere tumoren of letsels.
Bijna alle organen
“Vandaag kunnen we steeds meer kankertypes behandelen op een minder invasieve manier en met meer kans op genezing”, zegt dr. Annelies Maes, radiotherapeut. “We zijn binnen het LOC intussen met een team van zo’n 12 radiotherapeuten met elk hun stereotactische subspecialisatie. Deze behandelmethode is hoogtechnologisch en kan daardoor soms heftig overkomen bij de patiënt. Daarom begeleiden we hen zo warm en menselijk mogelijk. Dat patiënten dit appreciëren blijkt uit onze tevredenheidsenquêtes.”
2004 – Hersentumoren
“Het LOC was een van de eerste centra in Vlaanderen met stereotaxie voor hersentumoren. De behandeling geeft heel goede resultaten, maar was in het begin erg invasief. De neurochirurgen bevestigden een extern stereotactisch frame met vier schroeven in de schedel van de patiënt. Dat gebeurde onder lokale verdoving. Daarna konden we met behulp van de voorbereidende CT-scan de exacte locatie bepalen en de dosis berekenen. Pas op het einde van de dag volgde de bestraling. Het frame werd vastgeschroefd aan de behandelingstafel om het hoofd perfect te immobiliseren. Dit was erg belastend voor de patiënt en kon niet herhaald worden bij herval. Gelukkig kunnen we vandaag maskers gebruiken en werken de bestralingstoestellen veel vlotter. Daardoor kunnen we de behandeling gemakkelijker herhalen, ook bij herval of nieuwe letsels. Dat verhoogt de overlevingskansen van de patiënt aanzienlijk.”
2009 – Kleine longtumoren
“Deze vorm van radiotherapie kan een optie zijn voor patiënten die we niet kunnen opereren omwille van bijvoorbeeld een slechte longfunctie. Het borstgebied is weliswaar minder gemakkelijk te immobiliseren, maar met een 4D-scan meten we de beweging van de tumor in elke ademhalingsfase. Zo kunnen we de precieze bestralingszone berekenen. De behandeltafel beweegt ook mee in zes richtingen, waardoor we de patiënt erg nauwkeurig kunnen positioneren.”
2016 – Solitaire botuitzaaiingen
“Ondertussen bestralen we ook solitaire botmetastasen op deze manier. Voordien waren uitzaaiingen in het bot vaak palliatief, met bestralingen om de pijn te verminderen. Maar nu zijn er meer mogelijkheden: bij beperkte uitzaaiingen kunnen we de tumoren vaak volledig laten verdwijnen.”
2022 – Abdominale bestralingen
“In het buikgebied vormt de beweging opnieuw een uitdaging. In dit geval werken we met abdominale compressie: een gewicht op de buik dat de beweging beperkt, aangevuld met een vacuümmatras die de beweging mee opvangt. Op die manier behandelen we nu ook de pancreas, leverletsels, klieren in de buik en bijnierletsels.”
2024 – Kleine prostaattumoren
“Sinds kort gebruiken we stereotaxie ook bij bepaalde kleine prostaatkankers. We kunnen de stralen heel precies richten dankzij de goudmarkers die we samen met de urologen op voorhand inbrengen in de prostaat.”