5 tips voor een gezonde mond
Een gezond gebit is zoveel meer dan alleen een mooi wit rijtje tanden. Het is de basis van onze algemene gezondheid. Maar hoe verzorg je de tanden van jezelf en je kinderen het best? Ruth Uten, kindertandarts en teamlid van het narcodontieteam van de dienst Mond-, Kaak- en Aangezichtsheelkunde (MKA), deelt haar belangrijkste inzichten en praktische tips voor het hele gezin.
1. Fluoride is je beste vriend
Tandpasta zonder fluoride? Dat kun je vergelijken met wassen zonder zeep. Het reinigt wel, maar het versterkt de tanden niet. In ons huidige, suikerrijke voedingspatroon hebben onze tanden die extra bescherming van fluoride hard nodig om sterk te blijven. Fluoride helpt het tandglazuur te versterken en vermindert het risico op gaatjes. Wees wel voorzichtig met commerciële whitening tandpasta, paarse tandpasta of houtskooltandpasta. Deze producten kunnen te schurend zijn waardoor de glazuurlaag wegslijt met gelere tanden tot gevolg.
2. Twee keer per dag (en help de kids een handje)
Poets je tanden minstens twee keer per dag, waarbij de poetsbeurt voor het slapengaan het belangrijkst is. Zo krijgen bacteriën en voedselresten geen kans om ’s nachts schade aan te richten. Kinderen beschikken tot ongeveer hun tiende levensjaar nog niet over voldoende motoriek om grondig te poetsen. Daarom is napoetsen door een ouder essentieel. Vanaf de puberteit is het bovendien belangrijk om dagelijks tussen de tanden te reinigen met flosdraad of een klein borsteltje om tandvleesproblemen en botafbraak te voorkomen.
3. Stap over op elektrisch vanaf de eerste tand
Een elektrische tandenborstel verwijdert meer tandplak dan een manuele tandenborstel en helpt het tandvlees gezond te houden. Kies bij voorkeur voor een model met een ronde borstelkop en een poetsdruksensor. Zo poets je efficiënter én veiliger. Laat de borstel het werk doen en vermijd hard schrobben. Te veel druk kan het tandvlees beschadigen, waardoor tandwortels bloot komen te liggen en tanden gevoeliger worden voor koude, warmte of aanraking.
4. Spugen, niet spoelen!
Veel mensen spoelen hun mond meteen na het tandenpoetsen met water. Toch doe je dat beter niet. Spuug de overtollige tandpasta uit, maar laat een dun laagje achter op de tanden. Zo blijven de actieve bestanddelen langer aanwezig en kunnen ze het tandglazuur beter beschermen en versterken. Ook kinderen spoelen na het poetsen best niet met water. Op die manier halen zij het maximale voordeel uit de fluoride en blijft hun gebit beter beschermd tegen gaatjes.
5. Ga op tijd naar de tandarts
Wacht niet tot je pijn krijgt om een afspraak bij de tandarts te maken. Een jaarlijkse controle helpt om gaatjes, tandvleesproblemen en botverlies tijdig op te sporen. Veel van deze problemen veroorzaken in het begin namelijk geen klachten. Bovendien behoud je door je jaarlijkse controle het recht op de maximale tussenkomst van de ziekteverzekering wanneer behandeling nodig is. Voor kinderen zijn twee controles per jaar aanbevolen, omdat melktanden gevoeliger zijn voor tandbederf dan het definitieve gebit.