Bij een thymectomie verwijdert de chirurg de thymus (zwezerik), samen met het omliggende vetweefsel en een eventuele tumor. Dat kan nodig zijn bij een thymoom of een andere tumor van de thymus. De ingreep wordt ook gedaan bij sommige patiënten met myasthenia gravis.
In het ZOL voeren we deze ingreep meestal uit met een operatierobot. Dat is een kijkoperatie: de chirurg werkt via enkele kleine sneetjes in plaats van het borstbeen te openen. Hij zit aan een bedieningsconsole naast de patiënt en stuurt van daaruit de robotarmen. Zo heeft hij:
- een sterk vergroot, driedimensionaal beeld van de borstkas
- instrumenten die nog fijner en beweeglijker zijn dan een menselijke hand
De robot werkt nooit zelfstandig. De chirurg stuurt elke beweging.
De voordelen tegenover een klassieke operatie via het borstbeen zijn:
- minder pijn
- minder bloedverlies
- een korter verblijf in het ziekenhuis
- een sneller herstel
- kleinere littekens
De chirurg kiest de toegangsweg die voor jou het best is. Hij houdt rekening met de ligging en de grootte van de tumor, en met je lichaamsbouw.
- Langs rechts: de chirurg maakt 3 tot 4 kleine sneetjes tussen de ribben aan de rechterkant van de borstkas. Je ligt daarbij licht op je linkerzij. Langs deze weg ziet de chirurg goed de grote aders van het hart.
- Langs links: dezelfde techniek, maar via de linkerkant van de borstkas. Deze weg wordt vaak gekozen als de tumor meer links ligt. Hij wordt ook vaak gebruikt bij myasthenia gravis, omdat de chirurg zo het vetweefsel rond de thymus ruim kan wegnemen.
- Onder het borstbeen (subxiphoïdaal): de chirurg maakt een sneetje net onder het borstbeen, en meestal enkele kleine sneetjes onder de ribbenboog. Je ligt op je rug. Langs deze weg ziet de chirurg beide kanten van de borstkas even goed.
- Consultatie bij de chirurg: je chirurg legt de ingreep, de toegangsweg en de mogelijke risico's uit. Je kan er al je vragen stellen.
- Onderzoeken vooraf: een CT-scan van de borstkas, bloedonderzoek, een hartfilmpje (ECG) en een longfunctietest. Soms zijn extra onderzoeken nodig.
- Consultatie bij de anesthesist: je bespreekt de verdoving en de medicatie die je neemt.
- Myasthenia gravis: heb je deze ziekte? Dan zorgt de neuroloog ervoor dat je zo stabiel mogelijk bent vóór de operatie. Soms krijg je vooraf een extra behandeling, zoals immunoglobulines of plasmaferese. Neem je gewone myasthenie-medicatie verder, tenzij je arts iets anders zegt.
- Medicatie: bloedverdunners moet je soms enkele dagen op voorhand stoppen. Volg daarvoor altijd de instructies van je arts. Stop nooit zelf met een medicijn.
- Roken: stop zo snel mogelijk met roken. Dat verkleint de kans op longproblemen na de operatie.
- Je krijgt een algemene verdoving: je slaapt tijdens de hele operatie.
- Bij een toegang langs rechts of links ademt tijdelijk maar één long. Zo krijgt de chirurg meer ruimte om te werken.
- De chirurg maakt enkele kleine sneetjes van ongeveer 1 cm en brengt daarlangs de camera en de robotinstrumenten in. Er wordt wat koolzuurgas in de borstkas geblazen om extra ruimte te maken.
- De thymus en het omliggende vetweefsel worden losgemaakt. De chirurg let daarbij goed op de zenuwen die het middenrif aansturen.
- Het weefsel wordt in een zakje verwijderd langs een van de sneetjes. Dat sneetje moet soms iets groter gemaakt worden.
- Op het einde plaatst de chirurg meestal één drain (een dun buisje) om vocht en lucht af te voeren. Daarna worden de sneetjes gesloten.
- De ingreep duurt gemiddeld 1,5 tot 3 uur.
Heel soms beslist de chirurg tijdens de operatie toch over te schakelen op een klassieke operatie via het borstbeen. Dat gebeurt altijd in jouw belang, bijvoorbeeld als de tumor groter is dan verwacht of als er een bloeding is.
Complicaties zijn zeldzaam, maar zoals bij elke operatie kunnen ze voorkomen:
- bloeding
- infectie
- vocht- of luchtophoping in de borstkas
- verlamming van een helft van het middenrif, als een zenuw beschadigd raakt
- tijdelijke heesheid
- bij myasthenia gravis: een tijdelijke verergering van de spierzwakte (myasthene crisis)
Nazorg in het ziekenhuis
- Je wordt na de operatie opgevolgd op de verpleegafdeling. Bij myasthenia gravis gebeurt dat soms eerst kort op intensieve zorgen.
- Je krijgt goede pijnstilling. Neem die ook echt, zodat je diep kan ademen en kan hoesten.
- Een kinesitherapeut helpt je met ademhalingsoefeningen. Je mag meestal dezelfde dag of de dag na de operatie al uit bed.
- De drain wordt meestal na 1 dag verwijderd, na controle met een röntgenfoto.
- Meestal mag je na 1 tot 3 dagen naar huis.
Thuis
- Pijn: je kan nog enkele weken wat pijn of een doof gevoel hebben rond de sneetjes. Bij een toegang tussen de ribben kan dat iets langer duren. Neem je pijnstillers zoals voorgeschreven.
- Wondjes: houd de wondjes droog en proper. Douchen mag meestal na enkele dagen. Je hoort of de hechtingen vanzelf oplossen of later verwijderd moeten worden.
- Bewegen: wandelen is goed voor je herstel. Bouw je activiteiten rustig op. Vermijd zwaar tillen en intensief sporten gedurende ongeveer 2 tot 4 weken.
- Autorijden: mag pas als je pijnvrij kan bewegen en geen sterke pijnstillers meer neemt.
- Werk: de meeste mensen hervatten hun werk na 2 tot 4 weken. Dat hangt af van je soort werk.
- Myasthenia gravis: de neuroloog volgt je medicatie verder op. De verbetering na de operatie komt vaak geleidelijk, over maanden tot soms jaren.
Ongeveer 2 tot 4 weken na de operatie heb je een controleconsultatie bij je chirurg. Dan bespreken jullie het resultaat van het weefselonderzoek. Bij een thymoom wordt je dossier opnieuw besproken op het multidisciplinair oncologisch consult. Daar wordt beslist of een bijkomende behandeling nodig is, zoals bestraling, en hoe je verdere opvolging met CT-scans eruitziet.
Wanneer neem je contact op?
Neem contact op met de dienst of je huisarts als je last hebt van:
- koorts boven 38,5 °C
- toenemende kortademigheid of pijn op de borst
- een wondje dat rood of gezwollen is, of vocht verliest
- toenemende spierzwakte, moeite met slikken of met ademen (bij myasthenia gravis: neem onmiddellijk contact op)