Discografie

Voorbereiding

  • Enkel op afspraak via tel. 089/32 45 68, met opname in dagziekenhuisverblijf heelkunde.
  • Lichte maaltijd is toegestaan.
  • CT of MRI beelden uitgevoerd in ander ziekenhuis eventueel meebrengen naar onderzoek
  • Bloedverdunnende medicatie moet steeds vermeld worden en vaak is het noodzakelijk dat het schema hiervan tijdelijk zal worden aangepast in functie van de procedure (altijd in overleg met de behandelend geneesheer).
  • Contrast allergie en mogelijke zwangerschap steeds op voorhand vermelden.

Onderzoek

  • Het doel van discografie is tweeledig. Enerzijds wordt door contrastinjectie in de tussenwervelschijf de interne structuur van deze schijf in beeld gebracht, anderzijds wordt de pijnreactie van de patiënt geëvalueerd. Het uiteindelijke doel is te bepalen of een bepaalde tussenwervelschijf kan verantwoordelijk gesteld worden voor de dagelijkse rugpijn klachten van de patiënt ('discogene pijn', 'discus als pijngenerator').
  • De procedure gebeurt onder radiografische geleide met patiënt in buikligging. Na locale verdoving van de huid en onderhuid wordt door een kleine snede in de huid een naald opgevoerd tot in de tussenwervelschijf. Pijnreacties paravertebraal, ter hoogte van de anulus fibrosus en bij opvoeren van de druk intradiscaal worden genoteerd. Aan patiënt wordt gevraagd deze pijnreacties te vergelijken met de rugpijn die hij/zij gewoonlijk heeft. Bij contrastinjectie worden radiografische opnamen uitgevoerd.
  • De pijnreacties kunnen soms kortstondig vrij hevig zijn, maar nemen snel af in intensiteit over enkele minuten. Dit is een minder aangenaam aspect van dit onderzoek, maar is noodzakelijk om de pijnklachten afkomstig van de tussenwervelschijf te kunnen evalueren. Een discografie onderzoek kan steeds onderbroken worden op verzoek van patiënt.
  • Na de punctie wordt patiënt terug verplaatst in het bed en gebracht naar de CT-scan voor gedetailleerde beeldvorming van de tussenwervelschijf die gevuld is met contraststof.

Nazorg

  • Patiënt dient gedurende ongeveer twee uur na het onderzoek relatieve bedrust in acht te nemen (naar het toilet mag, ruglig of zijlig mag).
  • Na een kort klinisch onderzoek mag u vervolgens naar huis.
  • Patiënt mag niet zelf een voertuig besturen om naar huis te gaan.
Inhoudsverantwoordelijke
Dr. Martijn Grieten, Medische beeldvorming - 2015

© 2019 Ziekenhuis Oost-Limburg